Inspraak snelle trein: 17.000 reacties

ROTTERDAM, 22 SEPT. De inspraak over de plannen voor aanleg van de hogesnelheidslijn van de Belgische grens naar Amsterdam heeft de afgelopen weken een kleine duizend verschillende reacties opgeleverd. Daarnaast zijn er nog zo'n 16.000 reacties ingeleverd in het kader van circa veertig groepsacties.

Dit heeft de Raad van Advies voor de Ruimtelijke Ordening (RARO), waar het Centraal Punt Inspraak is ondergebracht, vandaag bekendgemaakt. Het aantal reacties is kleiner dan bij de vorige HSL-nota uit 1991. Toen werden er 21.000 reacties ingediend. Onder de reacties zijn zowel voor- als tegenstanders, maar de laatsten zijn wel verreweg in de meerderheid.

Uit de inspraakreacties komt een rijk geschakeerd palet aan opvattingen over de hogesnelheidslijn naar voren. De reacties variëren van 'goed plan, kabinet moet vooral aan eerste voorkeur vasthouden' en 'goed plan, maar niet hier' tot 'bij voorkeur onder de grond' en 'geheel onnodig'.

De provincie Noord-Brabant stemt in grote lijnen in met het tracé dat ook het kabinet voor ogen staat: het F-tracé langs Breda of, wanneer het niet lukt daarover overeenstemming te bereiken met de Belgen, eventueel het FH- of H-tracé langs Essen. Het GH-tracé langs Woensdrecht is voor de provincie onaanvaardbaar. Wel dringt de provincie erop aan dat het kabinet meer werkt maakt van compensatie voor schade aan natuur en leefomgeving.

Ook de provincie Zuid-Holland is bereid in te stemmen met het voorkeurstracé. Ten noorden van Rotterdam is dit het A1-tracé, dat langs de oostkant van Zoetermeer loopt. Maar dit heeft niet de eerste voorkeur van de provincie, en het is bovendien alleen aanvaardbaar indien grotere delen in een tunnel en in een tunnelbak worden aangelegd. Dat kost ten minste 0,7 miljard gulden extra, terwijl de spoorlijn al ten minste 5,7 miljard kost. Het liefst zou Zuid-Holland de hogesnelheidstrein vanaf Rotterdam over en langs het bestaande spoor via Den Haag en Leiden naar Schiphol laten gaan.

Afwikkeling over of langs (verbeterd) bestaand spoor heeft ook de voorkeur van het Platform Hogesnelheidstrein, waarin veel van het verzet tegen de aanleg van de spoorlijn is gebundeld. Het platform benadrukt in zijn stukken voortdurend het onderscheid tussen hogesnelheidsdtrein en hogesnelheidslijn. De trein kan op de steun van het platform rekenen, maar een aparte spoorlijn aanleggen levert te weinig tijdwinst op om de daarmee gepaard gaande aantasting van de leefomgeving te rechtvaardigen.

De grote milieu-organisaties hebben een gezamenlijke inspraakreactie ingediend, onder de titel 'Niet tot elke prijs in drie uur naar Parijs'. Ten noorden van Rotterdam kiezen de organisaties voor opwaardering van de bestaande spoorlijn, die dan op sommige plaatsten zessporig zou moeten worden, en, waar dat ruimtelijk niet kan, viersporig. Ten zuiden van Rotterdam stemmen de milieu-organisaties wel in met aanleg van een nieuwe spoorlijn, waarbij het F-tracé, dat grotendeels pal langs de snelweg A16 loopt, de voorkeur heeft. Vele milieu-organisaties hebben daarnaast nog een eigen, aanvullende reactie ingediend.

Net als het platform gaan de milieu-organisaties uitvoerig in op de samenhang met de rest van het vervoersbeleid en het ruimtelijk beleid van het kabinet. Dat gaat zeker niet alleen over tracékeuzen. Vooral de milieu-organisaties wijzen op de spanning tussen de belangen die overheid heeft bij aanleg van een nieuwe lijn om zoveel mogelijk reizigers te trekken, en anderzijds het verlangen om de groei van de mobiliteit aan banden te leggen.

De gemeente Barendrecht pleit ervoor dat de overkapping van de sporen langs de bebouwde kom wordt losgemaakt van de besluitvorming over de Betuwelijn. Nu de procedure over de goederenspoorlijn is opgeschort, vreest de gemeente dat ze straks wel zeven sporen breed treinverkeer te verwerken krijgt, maar dat een adequate afscherming tegen de lawaai-overlast op de lange baan wordt geschoven.

De inspraakreacties worden nu geïnventariseerd en gebundeld. Ze worden in zijn geheel ter beschikking gesteld aan de betrokken departementen. Daarnaast werken drie stafmedewerkers van de RARO nu aan een rapport met hoofdlijnen uit de inspraak. Hierin zullen de reacties per onderwerp worden bijeengebracht. Dit rapport zal op zijn vroegst half december, maar waarschijnlijker in januari beschikbaar komen, aldus een woordvoerder van de raad. Komende maand zullen onder voorzitterschap van G. Brokx hoorzittingen worden georganiseerd.