Wijers: wetten mogen concurrentie niet aantasten

DEN HAAG, 21 SEPT. Het nieuwe kabinet zal een 'buitenland-toets' introduceren bij elk plan voor nieuwe wet- en regelgeving, om na te gaan of de concurrentiepositie van Nederlandse bedrijven daardoor verslechtert.

Dit schrijft minister Wijers van economische zaken in de toelichting op zijn begroting voor volgend jaar. Zorgvuldig zal worden nagegaan hoe de wetgeving in de landen die belangrijk zijn voor de Nederlandse export, is geregeld. Volgens welingelichte kringen in Den Haag wil de nieuwe minister van volkshuisvesting en ruimtelijke ordening, mevrouw De Boer, de buitenland-toets testen door twee concrete plannen voor nieuwe regelgeving scherp onder de loep te nemen. Het ministerie van VROM kon dit vanochtend nog niet bevestigen.

De voorganger van De Boer, Alders, heeft zich steeds tegen de concurrentietoets verzet omdat deze nieuwe wetgeving te zeer zou vertragen. Hij meende al over voldoende instrumenten te beschikken om de gevolgen van nieuwe regels voor het bedrijfsleven te kunnen beoordelen.

Het idee van een 'buitenland-toets' en een 'concurrentietoets' op nieuwe wet- en regelgeving is afkomstig van de werkgeversverenigingen VNO en NCW. In hun campagne vóór de verkiezingen om het Nederlandse industriebeleid nieuw leven in te blazen en het belang van de industrie voor de nationale economie en de werkgelegenheid beter over het voetlicht te krijgen, werd dit als een onontbeerlijk nieuw beleidsinstrument aan de regering aanbevolen.

Het ministerie van economische zaken reageerde positief en de buitenland-toets kreeg grote aandacht op het 'globaliseringsdebat' dat in maart door ex-minister Andriessen werd georganiseerd. De nieuwe minister Wijers schrijft in de memorie van toelichting op zijn begroting die gisteren werd gepubliceerd: “Als voortvloeisel uit het Globaliseringsdebat zal een zogenoemde buitenland-toets verder vorm worden gegeven. Die toets vergelijkt Nederland met andere Europese landen op het voorkomen van afwijkende regelingen. Ook bij extern onderzoek (in opdracht van het ministerie verricht, red.) zal dit aspect consequent de aandacht krijgen”. Volgens een woordvoerder van Economische Zaken is het nieuwe beleid erop gericht “onnodige concurentienadelen te voorkomen.”

De werkgevers willen dat plannen voor nieuwe wetgeving worden aangepast of ingetrokken als de buitenland-toets aangeeft dat de concurrentiepositie van Nederlandse bedrijven op de exportmarkt wordt benadeeld, bijvoorbeeld bij nieuwe (milieu-)heffingen. Ze bepleiten ook een ijking van de bestaande regelgeving. Gisteren zei VNO-voorzitter Rinnoy-Kan in een inleiding dat ijking van de wetgeving en vergelijking met het buitenland nu “slechts fragmentarisch” plaatsheeft.