Stoere Roxette met brave muziek

Concert: Roxette. Gehoord: 20/9 Ahoy', Rotterdam. Herhaling: 21/9.

De Zweedse popgroep Roxette hinkt op tenminste drie verschillende gedachten. Allereerst was er het frisse popduo Marie Fredriksson en Per Gessle, dat internationale roem verwierf met hits als The Look en It Must Have Been Love. Na vijf jaar in de schijnwerpers willen zij daarnaast serieus genomen worden als een volwassen rockgroep, met ruige gitaren en teksten over ronkende motorfietsen en gevaarlijke meisjes. Bovendien fungeren de concerten als platform voor de solo-aspiraties van Fredriksson, die het volume van Dusty Springfield lijkt te willen koppelen aan het doorleefde vibrato van Marianne Faithful. Dat ze daarbij soms hartverscheurend vals zingt, is kennelijk geen bezwaar voor de fans van het grootste Zweedse popfenomeen sinds Abba.

De titel van het vijfde Roxette-album Crash! Boom! Bang! staat voor de nieuwe rock & roll-koers, die op het podium gestalte krijgt door twee drummers en drie elektrische gitaristen. Al vroeg in de show werd gisteravond een veelzeggende cover gespeeld van So You Want To Be A Rock & Roll Star, het overstuurde en door gillende meiden ingeleide rocknummer waarmee The Byrds in 1967 commentaar leverden op het snelle succes dat hen als langharige popsterren ten deel was gevallen. Die luidruchtige verwijzing naar het popverleden was aan het Roxette-publiek nauwelijks besteed, want luchtige popliedjes als Sleeping In My Car en het in akoestische 'unplugged'-bezetting gespeelde Listen To Your Heart oogstten terecht de meeste bijval.

Op de beste momenten toonde Roxette zich een Eurythmics zonder synthesizers, met de hardwerkende Marie en Per als gangmakers van een band die er werkelijk plezier in leek te hebben. Stoere teksten als “She's a little bit dangerous!” of “I love the sound of smashing guitars!” moesten de aandacht afleiden van het feit dat er over de gehele linie tamelijk brave popmuziek werd gemaakt. Na pretentieloze deuntjes als het aanstekelijke Joyride met een citaat uit Rain van The Beatles, werd het uithoudingsvermogen op de proef gesteld door de solo-uitstapjes van Marie. Een ballade bij kaarslicht en een quasi-authentieke blues met Zweedse tongval gingen dusdanig gebukt onder hun pretentie, dat ze hevig detoneerden met de opgeruimde radioliedjes waaraan Roxette haar bestaansrecht ontleent. De gespierde drummer was een perfecte graadmeter: hij keek tevreden als hij een kordate vierkwartsmaat mocht slaan, maar chagrijnig als er weer zo'n draak van een ballade moest worden ingezet.