Palestijnen leren orde handhaven

DEN HAAG, 21 SEPT. Ineengedoken onder capuchons en paraplu's wacht een groep van 22 Palestijnse politie-officieren op het moment dat de gouden koets de Korte Vijverberg inslaat. Wanneer het na anderhalf uur zover is, worden de hoofdkappen achterover geslagen en klimt eén Palestijn op een dranghek om het rijtuig op film vast te leggen. De anderen zwaaien de koningin en prins toe.

De Palestijnse agenten woonden Prinsjesdag bij op uitnodiging van hun Nederlandse collega's. Het uitstapje naar Den Haag moest voor hen een excursie zijn, passend bij een korte opleiding die ze sinds anderhalve week in Nederland volgen. De agenten krijgen les in het handhaven van de openbare orde en veiligheid.

Het bezoek van de 22 officieren aan Nederland vloeit voort uit de opzet van een profesioneel politie-apparaat in de Gazastrook en Jericho, waarmee de Palestijnse regering eind mei is begonnen. Diverse Europese landen, waaronder Nederland, boden de Palestijnen aan bij het project te helpen. Een verzoek van de Palestijnse vertegenwoordiging in Nederland om agenten de Nederlandse methodieken bij te brengen, werd daarop door het ministerie van buitenlandse zaken gehonoreerd. Het regelde dat de 22 officieren bijna een maand onderwijs kunnen krijgen van het Politie Instituut Openbare Orde en Veiligheid (PIOV) in het Brabantse Hoogerheide. Terug in Gaza en Jericho, is de bedoeling, gaan ze voor hun Palestijnse beroepsgenoten zelf trainingen verzorgen.

De Palestijnse politiemensen wordt met name geleerd hoe ze geweld moeten beheersen, zegt W. van de Burgt van het PIOV. Volgens hem is het voor deze agenten gebruikelijk geweld met harde hand te bestrijden. “Wat de officieren moeten leren is hoe ze bij grootschalige demonstraties het beste kunnen optreden om geweld te voorkomen. Zo kan de kans dat een demonstratie uit de hand loopt worden beperkt door contact te zoeken met de betrokken actiegroepen en goede afspraken met ze maken. Voor ons zijn dat vanzelfsprekendheden, zij kennen die niet”, legt hij uit.

Afgelopen weekeinde namen de Palestijnen al een kijkje achter de schermen bij de Bredase politie. Uitgelegd werd hoe de begeleiding van Ajax-supporters naar het NAC-voetbalstadion op poten was gezet. De excursie naar Den Haag, vertelt Van de Burgt, heeft eveneens de bedoeling inzicht te geven in organisatorische aspecten van het politiewerk. Bijvoorbeeld in wat komt kijken bij het afzetten van straten en het begeleiden van verkeer en toeschouwers.

Van de plechtigheden waren ze danig onder de indruk, vertelt brigade-generaal Z. Arief van Gazastad later in de middag. Behalve een toeristisch attractie was Prinsjesdag toch ook een evenement waar de Palestijnen wat van hebben opgestoken, aldus Arief. Volgens hem kunnen zijn agenten nog veel leren van de manier waarop de Nederlandse politie met haar burgers omgaat. “We hebben gezien dat de Nederlandse agenten het volk vriendschappelijk en met respect benaderen. De goede verhouding tussen Nederlandse politie en burgers is een ideaalbeeld waar wij naar streven.” Hoe lang het zal duren voordat in Gaza en Jericho een volwaardig korps is neergezet, kan Arief onmogelijk inschatten. “De financiële middelen die we kunnen aanwenden zijn beperkt. Op wat voor termijn de Palestijnse politie goed functioneert, hangt mede af van de hulp die we uit het buitenland krijgen.”