Minister Zalm doet oud-minister Zijlstra glunderen

“Begrotingen, ik heb er zeer slechte herinneringen aan”, onthulde ex-minister Andriessen (economische zaken) gisteren in een discussie over de Rijksbegroting voor 1995. Tijdens dit traditionele Prinsjesdag-debat was het nieuwe begrotingsbeleid van minister Zalm (financiën) was hèt onderwerp van gesprek.

DEN HAAG, 21 SEPT. “Is het de dag van Gerrit of is het de dag van Henk?” In het Haagse Diligentia nippen twee bankiers aan hun glaasje jenever en spelen met deze vraag.

Thesaurier-generaal H(enk) Brouwer heeft zojuist zijn traditionele Prinsjesdag-rede gehouden. Het regeerakkoord en de Miljoenennota 1995 bevat volgens de top-ambtenaar van financiën “een aantal noviteiten op het gebied van het begrotingsbeleid” en die kunnen de basis leggen voor een “opmerkelijke vernieuwing” van het beleid. In de voorgaande jaren brak Brouwer tijdens het traditionele Prinsjesdag-debat georganiseerd door Van Lanschot Bankiers een lans voor trendmatig begrotingsbeleid (streng uitgavenbeleid, dat niet fluctueert met conjuncturele mee- of tegenvallers). “Het is de dag van Henk”, concludeert de bankier. “Ambtenaren moeten de taak uitvoeren die ze van hun minister krijgen”, werpt zijn collega tegen. “Het is de dag van Gerrit.”

Brouwer wees er op dat in de afgelopen kabinetsperiode bij iedere financiële tegenvaller “de noodrem-procedure” in werking werd gesteld. “Eerst extra uitgavenprogramma's aankondigen en vervolgens weer ombuigen. Eerst de lasten verzwaren, dan weer verlichten. Zo maken we de samenleving natuurlijk horendol”, aldus de topambtenaar van financiën. En niet alleen de samenleving, maar ook ministers worden er kierewiet van, zo bleek uit de adhesie betuigingen van Andriessen die het Diligentia-debat leidde. “Wij hijgen nu van de ene naar de andere bezuinigingsronde”, verzuchte de CDA'er twee jaar geleden al.

De voornaamste doelstelling van minister G(errit) Zalm is volgens Brouwer het handhaven van de afspraken die zijn gemaakt over de uitgaven van het rijk en de sociale fondsen. Volgend jaar mogen deze uitgaven niet meer zijn dan 292,2 miljard gulden. Voor 1996 bedraagt de norm 287 miljard in 1996, waarna ze met één miljard gulden stijgen tot 288 miljard in 1997. Aan het eind van deze kabinetsperiode geldt een maximum van 287,3 miljard gulden. Deze vier bedragen zijn de bakens voor het begrotingsbeleid de komende vier jaar. “Een markant nieuw element”, meent Brouwer, want lange tijd was het financieringstekort van het rijk de norm van het begrotingsbeleid.

De uitgaven zijn dus aan een maximum gebonden. Wanneer het kabinet bijvoorbeeld zou besluiten om, onder druk van bij voorbeeld stakingen, meer geld uit te trekken voor de salarissen van ambtenaren dan moet dit op andere posten worden gecompenseerd, zei Brouwer op een vraag van het ex-Tweede Kamerlid Van Iersel (CDA).

De top-ambtenaar signaleerde verheugd dat “het begrip collectieve lastendruk met dit regeerakkoord uit het Haagse jargon is verdwenen”. De som van belastingen en sociale premies uitgedrukt als percentage van het nationaal inkomen frustreerde het begrotingsbeleid, vindt Brouwer. Toen voorzitter J. Stekelenburg van de vakcentrale FNV tijdens een vorig Prinsjesdag-debat kritische kanttekeningen plaatste bij het begrip collectieve lastendruk, vond hij de thesaurier-generaal op zijn pad. Wiens brood men eet, diens woord men spreekt, moet de werknemersvoorman gisteren hebben gedacht.

Zalm wil budgettaire meevallers die een gevolg zijn van een hogere economische groei gebruiken om het financieringstekort te verlagen naar 2,7 procent van het bruto binnenlands produkt in 1998. Zijn de meevallers daarmee nog niet uitgeput, dan wil hij ze aanwenden voor een verdere reductie van het tekort of lastenverlichting.

“Groeimeevallers zijn niet onwaarschijnlijk”, constateerde voorzitter A.H.G. Rinnooy Kan van het werkgeversverbond VNO eufemistisch en hij waarschuwde het kabinet-Kok zich niet te laten besmetten door het virus van de conjunctuur-euforie. “Ook al is de modder gedaald van de nek tot aan de broekriem, het blijft onverstandig om de riem een paar gaatjes open te zetten.” De VNO-voorzitter had nog een tweede waarschuwing voor het kabinet-Kok in petto. In de eerste helft een straf beleid voeren, anders loopt het in de tweede helft slecht af. “In the Godfather II vallen ook de meeste doden.”

Stekelenburg hekelde de Pavlov-reactie van de werkgeversorganisaties op de werkgelegenheidsplannen van de FNV. “Zelfs als er als kop boven een bericht zou staan 'FNV dreigt met lage looneisen' dan zouden de werkgevers het nog afwijzen.” Het gelach uit de zaal kon Rinnooy Kan niet overtuigen. “Werken met behoud van uitkering is slechts een lapmiddel; het draait om de oorzaak van werkloosheid heen.” En de oorzaak zijn de hoge loonkosten. De VNO-voorzitter vindt de plannen van het kabinet om die te verlagen “niet overtuigend”.

Brouwer onderstreepte dat het groeiherstel onvoldoende leidt tot herstel van de werkgelegenheid en daling van de werkloosheid. In dit opzicht wijkt Nederland sterk af van de Vernigde Staten. “Alle reden dus voor het kabinet om herstel van werkgelegenheid in het beleid centraal te stellen, en niet te verwachten dat de conjunctuur dat probleem zal zal oplossen.” Naast lagere belasting- en premietarieven en meer overheidsinvesteringen wees de top-ambtenaar van financiën op het grote belang van loondifferentiatie.

Na afloop van het debat werd duidelijk dat het noch 'de dag van Gerrit' noch 'de dag van Henk' was, maar 'de dag van Jelle'. Als een pauw zo trots liep oud-minister van financiën J(elle) Zijlstra tussen de borrelende bankiers. “Ik ben de geestelijk vader van het trendmatig begrotingsbeleid. En het doet me deugd dat Zalm in mijn voetsporen treedt.”