Meer dan 300 miljard dollar uitgeleend

De Wereldbank-groep is de grootste ontwikkelingsinstitutie ter wereld. Sinds de oprichting, vijftig jaar geleden op de conferentie van Bretton Woods, is het aantal lidstaten gegroeid van 44 tot 178. Bij de Wereldbank werken omstreeks 7.500 mensen, voornamelijk op het hoofdkantoor in Washington. Traditiegetrouw is de president van de Wereldbank een Amerikaan, terwijl de zusterorganisatie IMF geleid wordt door een Europeaan.

De Wereldbank is een verzamelnaam voor vijf organisaties. De oudste is de International Bank for Reconstruction and Development (IBRD), voortgekomen uit Bretton Woods in 1944 en sinds 1946 actief. De IBRD verstrekt leningen aan overheden en openbare bedrijven tegen marktvoorwaarden ten behoeve van ontwikkelingsprojecten en structurele aanpassingen. De IBRD financiert zichzelf door geld aan te trekken uit de internationale kapitaalmarkten. De International Development Association (IDA), het zogenoemde 'zachte loket' van de Wereldbank, is sinds 1960 werkzaam. IDA wordt gefinancierd met geld uit de begrotingen voor ontwikkelingssamenwerking van de rijke landen en verstrekt leningen tegen zachte voorwaarden (zeer lage rente en een lange aflossingsperiode) aan de armste landen (landen met een inkomen per hoofd van de bevolking van maximaal 610 dollar per jaar). Onder de verzamelterm Wereldbank worden de IBRD en IDA verstaan.

In 1956 is de International Finance Corporation (IFC) opgericht met als doel om particuliere ondernemingen in ontwikkelingslanden te steunen. De IFC verstrekt commerciële leningen aan ondernemingen en participeert als aandeelhouder in bedrijven. Verder is de IFC als adviseur betrokken bij het opzetten van kapitaalmarkten in ontwikkelingslanden en bij privatiseringen, vooral in de ex-communistische landen. Met de nadruk op het belang van particulier ondernemerschap in het ontwikkelingsproces krijgt het IFC een steeds grotere rol.

De overige organisaties zijn het International Centre for Settlement of Investment Disputes (ICSID), opgezet in 1966 voor de bemiddeling van conflicten tussen buitenlandse investeerders en overheden, en het Multilateral Investment Guarantee Agency (MIGA) uit 1988, dat garanties biedt tegen politieke risico's bij investeringen in ontwikkelingslanden.

Sinds zijn oprichting heeft de Wereldbank (d.w.z. IBRD en IDA) meer dan 300 miljard dollar uitgeleend ten behoeve van ruim 6.000 projecten in 140 landen. Na de voortdurende jaarlijkse stijgingen van de uitgeleende bedragen, treedt de laatste paar jaar een kentering op. In het begrotingsjaar 1994 (1 juli 1993 - 30 juni 1994) bedroeg het totaal aan toegezegde nieuwe leningen 20,8 miljard dollar, vergeleken met 23,7 miljard en 21,7 miljard dollar in resp. het begrotingsjaar 1993 en 1992. Het bedrag dat bruto werd uitgeleend, zonder rekening te houden met de aflossingen van oude leningen daalde in het begrotingsjaar 1994 tot 15,9 miljard dollar, vergeleken met 18 miljard in 1993.

De IBRD is een winstgevende institutie. Dit komt omdat de Bank tegen gunstige voorwaarden op de internationale kapitaalmarkten kan lenen dank zij de garantie van de lidstaten voor alle schulden van de Wereldbank. De Wereldbank mag statutair nooit meer uitlenen dan het kapitaal van de Bank, op het ogenblik 180 miljard dollar. De bank geniet in de kapitaalmarkten de veelbegeerde AAA-status wat betreft kredietwaardigheid. Verder is de Wereldbank een preferred creditor, hetgeen wil zeggen dat de bank als eerste terugbetaald wordt. Hoewel de achterstanden bij aflossingen oplopen, doen landen die leningen van de Wereldbank ontvangen, hun uiterste best om aan hun verplichtingen te voldoen. Wanbetaling aan de Wereldbank betekent namelijk uitsluiting van vrijwel alle financieringsbronnen in de wereld.

In het afgelopen begrotingsjaar 1994 bedroeg de winst van de Wereldbank 1,05 miljard dollar. Deze winst gaat voor een deel naar de reserves van de Bank, wordt gebruikt om de uitleentarieven te verlagen en wordt voor een deel toegevoegd aan de financiële middelen van IDA.