Carter:'Ik schaam mij voor beleid van de VS'

ATLANTA, 21 SEPT. Amerikaanse buitenlandse oorlogen kunnen worden voorkomen als er beter wordt onderhandeld. Dit heeft de voormalige Amerikaanse president Carter gisteren gezegd, twee dagen nadat onder zijn leiding een akkoord tot stand kwam tussen de VS en de militaire junta op Haïti.

Het akkoord waarmee op het nippertje een militaire confrontatie tussen de VS en de Haïtiaanse junta werd voorkomen, wordt door raadgevers van de in ballingschap levende, democratisch gekozen president Aristide gezien als collaboratie met de Haïtiaanse coupplegers.

Carter zei dat hij een “zeer emotionele rede” had gehouden bij zijn aankomst in Haïti. “Een van de dingen die ik heb gezegd was dat ik mij schaamde voor de buitenlandse politiek van mijn land”, aldus Carter. In de overeenkomst die hij sloot staat dat de militaire junta op 15 oktober afstand zal doen van de macht. Er staat echter niet dat de militaire coupplegers het land nadien moeten verlaten. De terugkeer van president Aristide wordt ook niet genoemd.

Tijdens een toespraak in het Carter-centrum noemde Carter “wanbeleid” en “weigering met tegenstanders te praten” als oorzaak van het uitbreken van de Amerikaanse buitenlandse crises in Grenada, Panama en Irak.

Carter heeft in juni van dit jaar ook bemiddeld in het conflict met Noord-Korea over vermeende Noordkoreaanse plannen voor de produktie van kernwapens. Hij kreeg van Pyongyang toen de toezegging dat het land zou overschakelen op westerse nucleaire technologie waarmee het geen kernwapens kan maken. “We hebben geen oorlog gehad in Korea en geen oorlog in Haïti. We hebben wel een oorlog gehad in de Golf, in Grenada en in Panama. Ik ben er altijd van overtuigd geweest dat die oorlogen hadden kunnen worden voorkomen als iemand er naartoe was gegaan en geprobeerd had een overeenkomst te bereiken die voor beide partijen acceptabel was”, aldus Carter.

De voormalige president prees president Clinton voor diens besluit om dit weekeinde op het laatste moment nog een diplomatieke missie onder zijn leiding naar Haïti te sturen en zei dat het niet zijn bedoeling was de buitenlandse politiek van Clinton te bekritiseren. Wel zei hij dat het voorkomen van crises op de lange termijn vroeg om “een fundamentele wijziging van de politiek op het ministerie van buitenlandse zaken”. Het grootste probleem was volgens Carter dat “wanneer met iemand een verschil van mening bestaat, er niet met hem wordt gepraat”. Carter die kritiek heeft op het handelsembargo tegen Haïti, zei ook de Haïtiaanse leiders gezegd te hebben hoe Haïtiaanse moeders zich tegenover hem hadden beklaagd over gebrek aan voedsel en medicijnen. (Reuter, AP)