Amsterdam: nog veel onduidelijk in plannen ROA

AMSTERDAM, 21 SEPT. Het college van b en w van Amsterdam heeft op belangrijke punten kritiek op de plannen van het ROA voor de provincie Amsterdam.

Met de huidige voorstellen heeft de nieuwe provincie “geen meerwaarde” op de bestaande situatie.

Dit heeft wethouder G. ter Horst vanochtend gezegd in een toelichting op de voorstellen van het Regionaal Orgaan Amsterdam (ROA). De plannen van het ROA-bestuur zijn volgens haar een stap in de goede richting, maar schieten tekort om te kunnen beoordelen of de nieuwe provincie “sterk genoeg” wordt. Voor Amsterdam staat er veel op het spel: als in 1998 de provincie Amsterdam wordt ingesteld houdt de gemeente op in de huidige vorm te bestaan.

De belangrijkste kritiek geldt de verdeling van de bevoegdheden. Ter Horst wil precies weten welke taken het rijk overhevelt naar de nieuwe provincie. In de plannen van de ROA wordt de nadruk gelegd op een nauwe samenwerking tussen provincie en gemeenten. Volgens Ter Horst moet voorkomen worden dat dit leidt tot te veel overleg. Dat zou afbreuk doen aan de doelmatigheid van het nieuwe bestuur.

Amsterdam is het eens met de voorstellen om de uitkeringen van het rijk naar de provincie te laten vloeien. Die zou het geld dan met een verdeelsleutel aan de verschillende gemeenten moeten toekennen. In de ROA-plannen wordt voorgesteld de belasingheffing in handen van de gemeenten te houden. Maar volgens het Amsterdamse college van b en w moet het zwaartepunt van belastingheffing bij de provincie komen te liggen. Ook vindt Amsterdam dat de provincie verantwoordelijk moet zijn voor de verdeling van de grondopbrengsten. “Een evenwichtige verdeling van de lusten en de lasten is noodzakelijk”, aldus Ter Horst.

Het ROA moet op 1 januari 1998 een feit zijn. Ondanks de verschillende standpunten, denkt Ter Horst nog steeds dat dit haalbaar is. Momenteel bepalen de veertien deelnemende gemeente hun standpunt over de voorstellen van het ROA-bestuur. In april 1995 neemt het kabinet een besluit over de taken, bevoegdheden en grenzen van de stadsprovincie.

Niet bekend