Aanhang Aristide heeft haast

PORT-AU-PRINCE, 21 SEPT. Wolken traangas hangen in de lucht, mensenmenigten golven heen en weer. Uitdagende zang provoceert de autoriteiten en langsrijdende open vrachtwagens met politie-agenten worden bekogeld met stenen. Boven het haventerrein is het doffe gedreun te horen van een Cobra-gevechtshelikopter, beneden op de grond rijdt een ambulance met gillende sirene weg.

Gisteren, op de tweede dag van de Amerikaanse vreedzame militaire interventie in Haïti en tevens de tweede dag van de eerste openlijke uitingen van protest tegen het militaire regime, is de spanning tussen de Aristide-gezinde betogers en de Haïtiaanse militairen verder toegenomen. Terwijl de Amerikanen rustig maar zeker voortgaan met hun 'Operation Uphold Democracy' lijken de lavalasiens, de aanhangers van Aristide, hun eigen 'Operation Speed Up Democracy' te zijn begonnen.

De schermutselingen van gisteren beperkten zich niet alleen tot het haventerrein, maar hadden ook plaats bij de internationale luchthaven van Port-au-Prince. De politie sloeg ten minste één man dood, een verkoper van gesmokkelde benzine die niet op tijd wegvluchtte. De aanstormende agenten beëindigden zijn leven met één harde klap in de nek met een koevoet.

Kleine groepjes demonstranten scandeerden de naam van Aristide en zongen “Nous allé, nous allé pour arresté Cédras”, we gaan de militaire bevelhebber luitenant-generaal Raoul Cédras arresteren. Buitenlandse journalisten werden ter plekke snel omringd door Haïtianen die allen wilden vertellen waarom de verdreven president snel terug moet komen. Maar “we zullen geen wraakacties” tegen de aanhangers van het militaire regime ondernemen, zei een jongeman.

De lavalasiens lijken met hun uitdagende demonstraties bij de haven en het vliegveld een nieuw element te willen introduceren in het huidige proces: dat van haast. Voortdurende rellen en de zeer gerede kans op meer slachtoffers tijdens de ordehandhaving kunnen de Amerikaanse militaire autoriteiten in grote verlegenheid brengen nu ze trachten op een zo rustig mogelijke wijze en in samenwerking met de Haïtiaanse militairen hun bezettingsoperatie af te wikkelen. De Amerikaanse militaire woordvoerder in Haïti, kolonel Barry Willey, uitte zich gisteren tijdens een briefing in wollige militaire taal toen hem werd gevraagd naar de passieve houding van de Amerikanen terwijl de Haïtiaanse politie letterlijk voor hun ogen inramt op de lavalasiens. “Ik kan geen details geven over regels ten aanzien van confrontaties (rules of engagement) in situaties waarbij Haïtianen in gevecht raken met Haïtianen”. Maar de verrassende pro-Aristide demonstraties hebben de Amerikanen duidelijk in verlegenheid gebracht. De eigen veiligheid van de militairen staat bij alles voorop. “Als Amerikaanse militairen betrokken raken bij schermutselingen met Haïtianen zou dat de gehele missie niet ten goede komen”, aldus kolonel Willey.

De Amerikaanse manschappen voor wier ogen nu al voor de tweede dag Haïtianen worden afgerost en zelfs gedood door de politie, hebben het zichbaar moeilijk met de order voor terughoudendheid. Een onderofficier van de tiende Bergdivisie uit Fort Drum die het haventerrein bewaakt, haalt de schouders op als hem wordt gevraagd waarom zijn manschappen niet hebben ingegrepen toen er al dode was gevallen. “We moeten het terrein bewaken, dat is onze opdracht”. Maar gevraagd of hij niet verontrust was over de taferelen die zich voor zijn ogen afspelen, zei hij: “Ieder mens zou hierdoor verontrust moeten zijn”.

Gisteren gingen de Amerikanen verder met het maandag begonnen proces waarbij de hoofdstad wordt bezet. Ook werden 1.800 mariniers gezonden naar Haïti's tweede stad, Cap Haitien aan de noordkust. Er zijn nu al meer dan 7.000 Amerikaanse militairen in Haïti. Tegen het einde van de week zouden dit er ten minste 14.000 moeten zijn, hoewel legerwoordvoerder Willey geen exacte getallen zei te kunnen noemen. “Er is geen plafond voor het aantal militairen dat we kunnen inzetten.” Tegen het einde van de week worden ook de eerste buitenlandse troepen verwacht. Behalve de Verenigde Staten nemen ook het Verenigde Koninkrijk, Nederland, Argentinië, Jamaica, Barbados, Antigua en Barbuda, Trinidad en Tobago, Belize, Guyana, de Bahama's, België, Israel, Bangladesh en Panama deel aan de multinationale vredesmacht voor Haïti, aldus een opgave van het Amerikaanse leger.

Na de eerste 24 uur van hun verblijf in Haïti toonden de Amerikanen zich bij monde van hun woordvoerder uiterst tevreden over de gang van zaken. Volgens de woordvoerder hadden zich geen incidenten voorgedaan. Hij zei niets te weten van de dood van een kind dat zou zijn overreden door een Humbee-transportvoertuig.

De aan hun eigen adres gerichte felicitaties van de Amerikanen over het verloop van 'Operation Uphold Democracy' hebben niet kunnen verhinderen dat de onduidelijkheid over de bepalingen van het zondag gesloten akkoord alleen maar verder is toegenomen. Volgens de woordvoerder van de Amerikaanse ambassade in Port-au-Prince is het embargo tegen Haïti nog niet opgeheven. “We zouden willen dat het zonder verdere vertraging wordt opgeheven, maar dat moet in overeenstemming gaan met de desbetreffende resoluties van de Verenigde Naties. Wellicht kunnen er (intussen) uitzonderingen worden gemaakt voor het economische aspect ervan.”