VOLKSHUISVESTING, RUIMTELIJKE ORDENING en MILIEUBEHEER

M. de Boer, 11 miljard, 4.403 ambtenaren

Het milieubeleid is “onomstreden”, aldus minister De Boer. Voor het nieuwe kabinet staat het Nationaal Milieubeleidsplan-II “recht overeind”, al zal misschien niet “elke punt en komma worden uitgevoerd”. Daarnaast worden enige bezuinigingen op het onderzoeksbudget voor milieubeheer doorgevoerd. Voor het overige ligt de nadruk de komende tijd op de uitvoering van het beleid, wat volgens De Boer “nog een hele klus” zal zijn.

Probleem vormen vooral de vermesting, de verzuring en de klimaatverandering. Toch zullen de accijnzen op diesel en benzine de komende jaren de inflatie volgen, zoals afgesproken in het regeerakkoord. Verhogingen zoals voorzien in het NMP-I, worden pas “doorgevoerd indien de ontwikkelingen in onze buurlanden hiertoe ruimte bieden”. In 1996 komt er een energieheffing voor kleinverbruikers. De totale uitgaven voor milieubeheer stijgen volgend jaar van bijna 16 miljard naar 18,2 miljard gulden. Hiervan wordt 1,2 miljard door de gezamenlijke huishoudens opgebracht.

In het nieuwe kabinet is afgesproken dat de ministeries van milieubeheer, economische zaken, verkeer en waterstaat en landbouw “op een creatieve manier” zullen proberen een aantal milieuproblemen op te lossen. Daartoe wordt een gezamenlijke “projectorganisatie” in het leven geroepen. Volgens minister De Boer heeft het kabinet “lering getrokken” uit de gang van zaken in het vorige kabinet. In dat kabinet heerste voortdurend onenigheid tussen VROM aan de ene en Verkeer en Waterstaat en Economische Zaken aan de andere kant. Zelf wil minister De Boer meer dan haar voorganger informeel contact zoeken met burgers, bedrijfsleven en wetenschappers. “We moeten het milieubeleid samen vormgeven, op basis van gelijkwaardigheid.”

De Rijksgebouwendienst heeft voor volgend jaar een bedrag van 600 miljoen gulden uitgetrokken voor de bouw van rechtbanken en cellen. Dit jaar worden vier gerechtsgebouwen opgeleverd, volgend jaar zes. Ook wordt dit jaar nog begonnen met de bouw van een gevangenis in Zoetermeer en één in Krimpen aan den IJssel. In de gevangenissen van Grave, Hoorn en Veenhuizen wordt het cellenbestand uitgebreid.

Onder staatssecretaris Tommel staat de volkshuisvesting in het teken van duurzaam bouwen. Dit betekent dat meer dan voorheen wordt gelet op zaken als energiebesparing, waterbesparing, onderhoud en levensduur. Tussen 1995 en 2005 is de bouw voorzien van ongeveer 600.000 nieuwe woningen. Voor 1995 gaat het om 106.000 woningen. Het regeerakkoord heeft daaraan nog eens 15.000 woningen in de sociale sector toegevoegd.

Een in het regeerakkoord afgesproken bezuiniging van 400 miljoen gulden op de volkshuisvesting komt voor de helft uit een korting op de individuele huursubsidie. Die moet doelmatiger worden uitgevoerd. Ook wordt de vermogenstoets aangescherpt en zal een beleid van decentralisatie in gang worden gezet. Daar staat tegenover dat mensen met de laagste inkomens 2 procent minder huurverhoging krijgen. Huishoudens met kinderen ontvangen een toeslag op de huursubsidie. De andere helft van de bezuinigingen wordt gerealiseerd door een einde te maken aan de stimuleringspremies voor de bouw van woningen in de marktsector en in 1996 voor die van sociale koopwoningen.