Omdat ik nu geen zin heb

“Dag Ruud. Mogen we je wat vragen?”

“Nee, ik heb geen zin in interviews.”

“Waarom niet?”

“Omdat ik geen zin heb.”

“Waarom niet?”

“Dat zeg ik toch. Omdat ik geen zin heb.”

“Maar als wij je wat vragen, kun je toch wel antwoord geven?”

“Dat kan ik wel, maar dat doe ik

niet.''

“Waarom niet?”

“Ik wil het nog wel een keer zeggen: omdat ik geen zin heb.”

“Maar je kunt toch wel gewoon antwoord geven op onze vragen?”

“Ja, maar dat doe ik niet.”

“Maar wij hebben je toch altijd netjes behandeld?”

“Ja, maar dan hoef ik nog geen zin te hebben in interviews.”

“We hebben jou toch altijd gesteund en het altijd voor je opgenomen.”

“Ja, dat weet ik, daar ben ik jullie ook heel dankbaar voor.”

“Vind je het dan niet onbehoorlijk je zo te gedragen tegenover ons?”

“Nee.”

“We hebben toch het recht je wat te vragen?”

“Ja.”

“Waarom antwoord je dan niet?”

“Dat heb ik toch al gezegd.”

“Voel je je niet verplicht antwoord te geven op onze vragen?”

“Omdat jullie het recht hebben mij wat te vragen, ben ik nog niet verplicht jullie te antwoorden. Dat is een misverstand bij veel journalisten.”

“Dus alleen interviews wanneer je zin hebt?”

“Ja.”

“Vind je dat niet kinderachtig?”

“Alleen omdat ik van jullie geen zin mag hebben in een interview.”

“Ja, en omdat je al onze kijkers in de steek laat.”

“Dan zeggen jullie toch tegen jullie kijkers dat ik vandaag geen zin had in interviews.”

“Dat kunnen we niet doen.”

“Waarom niet? Gewoon: vandaag geen interview, vandaag geen nieuws.”

“Dan gaan we af tegenover de andere omroepen en journalisten.”

“Ja, dàt is vervelend voor jullie.”

“Zeg dat wel.”

“Maar, mag ìk jullie wat vragen?”

“Ja, natuurlijk, graag zelfs, ga je gang Ruud.”

“Wordt dit opgenomen?”

“Ja, natuurlijk.”

“Gaan jullie dit uitzenden?”

“Ja.”

“Waarom?”

“Omdat dit een leuk interview is. Dank je wel. Ook namens onze kijkers.”

“Nou, dan is het toch goed zo.”