Hof kritiseert gang van zaken Guinness-proces

LONDEN,19 SEPT. Ernest Saunders, de voormalige topman van Guinness die tot vijf jaar gevangenisstraf werd veroordeeld wegens boekhoudkundige zwendel en diefstal, heeft volgens de Commissie van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg geen eerlijk proces gekregen.

Als het Europese Hof zelf die conclusie straks volgt, is voor Saunders - en mogelijk voor andere veroordeelden in fraudezaken in de City - de weg vrij om een aanklacht in te dienen tegen de Britse overheid en om substantiële schadevergoeding te eisen. Vooraanstaande juristen waarschuwen nu al dat ook het proces tegen Kevin en Ian Maxwell, de zoons van de verdronken mediamagnaat Robert Maxwell, ten gunste van de verdachten beïnvloed kan worden door het oordeel van de Commissie.

De conclusie van de Commissie, een soort zeef vóór een zaak het Hof zelf bereikt, is een gevoelige tegenvaller voor het Serious Fraud Office, het justitiëel apparaat dat zich richt op het opsporen en vervolgen van zwendel in Londens financiële wereld. Het oordeel, indien gevolgd door het Hof, dwingt de fraudebestrijders de regels waaronder verdachten worden gehoord, af te zwakken. Tot nu toe geldt dat verdachten in City-fraudezaken geen recht hebben om te zwijgen tegenover onderzoekers. Als ze toch hun mond houden, kunnen ze een maximum gevangenisstraf krijgen van twee jaar. Saunders was daarom in 1987 gedwongen verklaringen af te leggen tegen inspecteurs van het ministerie van handel en industrie, toen die mogelijke zwendel in aandelen bij de Guinness-overname van het drankenconcern Distillers, twee jaar eerder, onderzochten. De Commissie oordeelt dat die regel in strijd is met het Europese Handvest voor de Rechten van de Mens.

De Commissie in Straatsburg zegt dat Ernest Saunders onder de in Groot-Brittannië geldende regels “in feite gedwongen werd zichzelf schuldig te verklaren” tijdens het befaamde Guinness-proces, dat in 1990 zeven maanden in beslag nam. Belastend materiaal, afkomstig van de inspecteurs van het ministerie, vormde “een niet onaanzienlijk deel van de tenlastelegging”, zoals de vervolgende instantie die voorlegde aan de rechter. Dat betekent, aldus de Commissie, dat Saunders niet het eerlijke proces gekregen heeft, waarop elke Europese burger aanspraak kan maken.

De Guinness-affaire was één van de eerste, grote fraudezaken in Londens financiële wereld en een schoolvoorbeeld van de alles-kan-als-het-geld-oplevert mentaliteit die de City in de jaren tachtig in haar greep hield. Ernest Saunders, een marketing-genie dat eerder zijn sporen bij Nestlé had verdiend, had Guinness van een noodlijdend familiebedrijf omgetoverd tot een winstgevend internationaal drankenconglomeraat.

In 1986 raakte Guinness onder zijn leiding verwikkeld in een overname-gevecht om het Schotse Distillers. De andere liefhebber voor het bezit van Distillers, de Argyll Group, beschuldigde Guinness van vals spelen toen dat bedrijf Distillers kreeg. Saunders bleek 25 miljoen pond aan zijn vrienden in de City te hebben betaald om tijdens het overnamegevecht kunstmatig de prijs van Guinness-aandelen op te drijven. Onder die vrienden waren prominenten als de stockbroker Anthony Parnes, de eigenaar van de Ronson Corporation, Gerald Ronson en de kunstmaecenas Sir Jack Lyons. Saunders, Parnes en Ronson verdwenen achter de tralies, Lyons ontsnapte om gezondheidsredenen, maar hem werd zijn koninklijke onderscheiding afgepakt. Ernest Saunders zat maar een deel van zijn straf uit, omdat zijn advocaten de rechtbank ervan wisten te overtuigen dat hij aan de ziekte van Alzheimer lijdt. De grap in de City gaat dat Saunders dat verweer heeft vergeten. Hij is nu gevestigd in Londen als onafhankelijk marketing consultant voor een aantal bedrijven.