Belg in Moskou

Jan Balliauw: Het verloren paradijs. De ontwrichting van Rusland 225 blz., Hadewijch 1994, ƒ 39,90

De Belgische journalist Jan Balliauw, medewerker van onder andere het VPRO-radiomagazine Euroburo, woonde van 1990 tot 1993 als correspondent van de BRTN in Rusland en boekte, zoals welhaast gebruikelijk, na terugkeer zijn ervaringen tijdens het laatste jaar van de Sovjet-Unie en de eerste van het nieuwe Rusland.

Het resultaat, Het verloren paradijs. De ontwrichting van Rusland, is een interessant boekje waarin Balliauw uitlegt waarom het communisme vastliep, hoe het ten onder ging (en waarom het zo makkelijk ten onder ging) en hoe het nieuwe Rusland worstelt met de nieuwe criteria van de parlementaire democratie en de vrije markt, in een context waarin de Russische samenleving in één klap alle waarden en alle basisaxioma's was kwijtgeraakt. De lezer wordt nog eens getuige van de coup tegen Gorbatsjov, de opkomst van Jeltsin en de machtsstrijd tussen Jeltsin en de Opperste Sovjet, uitlopend op de dramatische bestorming van het Witte Huis. Die laatste ontwikkeling beschrijft Balliauw overigens bijna lakoniek, tussen neus en lippen door. Daarnaast beschrijft hij de problematiek in een aantal sectoren van de Russische samenleving, zoals de gezondheidszorg, het milieu, de kernenergie en zo meer. In het slothoofdstuk staat hij stil bij de andere republieken van de gedesintegreerde Sovjet-Unie: Wit-Rusland, Armenië, Georgië, Tadzjikistan, de Oekraïne, de Baltische landen, zonder aanspraak op volledigheid.

Op een rij

Het verloren paradijs is een leuk boek, Balliauw heeft een vlotte en soepele pen en is bovendien in staat tot kernachtige analyses: hij is zeer goed in staat de zaken op een rij te zetten.

En toch blijft de lezer na afloop met een wat katterig gevoel zitten. Er staat in dit boek namelijk niets nieuws en niets origineels. Wie in de door Balliauw beschreven jaren de krant een beetje heeft gelezen, weet alles wat Balliauw beschrijft en wordt dan ook nergens verrast met een authentieke inkijk, een verrassende analyse, een persoonlijke anekdote.

De fundamentele fout van Balliauw is dat hij veel te weinig persoonlijk is, veel te weinig put uit persoonlijke ervaringen. Indringende analyses en beschrijvingen van wat er tussen 1990 en 1993 in Rusland is gebeurd, zijn er genoeg, daarvoor hoeft niemand dit boek aan te schaffen. Dit boek is een stukje vlakke geschiedschrijving, die aanzienlijk aan kracht zou hebben gewonnen als Balliauw die analyses en beschrijvingen had aangevuld met het persoonlijke en het subjectieve van zijn eigen ervaringen en met wat reportage-elementen.

Hoezeer dat het manco van dit boek is, blijkt pas goed op de weinige punten waarop Balliauw wèl verslag doet van persoonlijke ervaringen. Hij beschrijft ergens hoe hij een militaire basis in Wit-Rusland bezoekt en er wil filmen. Dat mag niet, tenzij hij duizend mark betaalt, want dat is het bedrag dat eerder een Duitse filmploeg bereid is geweest te betalen. Balliauw heeft dat geld niet en wil het ook niet betalen. Hij dreigt zijn reportage mis te lopen - tot zijn tolk op het lumineuze idee komt, duizend Belgische frank te bieden, met het argument dat de BRTN een Belgische omroep is die niet in marken betaalt. Het idee wordt enthousiast geaccepteerd en er wordt een contract opgesteld waarin de BRTN zich verplicht het Wit-Russische leger duizend frank over te maken. Dat er een forse kloof bestaat tussen de waarde van een Duitse mark en die van een Belgische frank - daarvan weet men in Minsk niets. Voor Balliauw gaan in elk geval de kazernepoorten open.

De lezer begroet aan het eind van het boek dit soort anekdotes met een zekere opluchting: eindelijk iets aardigs. Maar ze komen veel te weinig voor. Balliauws boek zou veel interessanter zijn geweest als hij meer van zulke al dan niet grappige maar altijd veelzeggende illustraties op de analyse in zijn tekst had verwerkt. Het ontbreken ervan maakt Het verloren paradijs een kundig geschreven, maar nogal vlak en flets boek.