Regels gevraagd voor 'inkijkoperaties' politie

DEN HAAG, 16 SEPT. Er moet snel duidelijkheid komen over zogenoemde inkijkoperaties door politiemensen. Dat had al lang bij wet geregeld moeten zijn, voorzien van waarborgen en spelregels.

Dat zei prof.mr. J. Leijten, advocaat-generaal bij de Hoge Raad, vanmorgen tijdens een symposium bij het 20-jarig bestaan van het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten (NJCM). Inkijkoperaties zijn inbraken door politiemensen, bijvoorbeeld in opslagplaatsen van verdachten, om te beoordelen of een officiële huiszoeking resultaat zou opleveren.

“Infiltratie van misdadige milieus door politiemensen, of door anderen onder leiding en toezicht van politie en justitie, is eigenlijk niet veel anders dan het door oplichting van oplichters verkrijgen van bewijsmateriaal. Dat is dus zonder meer vals spel”. Leijten is ook tegen de anonieme getuige en de kroongetuige. “De aanvaarding van de anonieme getuige kan strijdig zijn met gerechtvaardigde belangen van de verdediging. Het vermindert voor haar de mogelijkheden die bestaan wanneer getuigen in volle helderheid voor het voetlicht staan. Er zijn getuigen geweest die ten nadele van verdachten onware verklaringen hebben afgelegd.”

Hij hoopt dat de kroongetuige, volgens hem iemand die “haast per definitie anoniem in ruil voor strafvermindering of kwijtschelding belastende verklaringen aflegt”, nooit in een wet wordt opgenomen. Justitie werkt aan een kroongetuigeregeling. “Als wij straks te doen krijgen met de geïnfiltreerde, anonieme kroongetuige als prijs voor de voortzetting van de toch al verloren 'drugsoorlog', is de grens ver overschreden. Dan is onze strijd tegen criminaliteit verworden tot een strijd van criminelen tegen criminelen”, aldus Leijten.