Londen: toegang media voor Ierse republikeinen

LONDEN, 16 SEPT. De Britse regering lijkt bereid de IRA een eerste teken van goede wil te geven door een eind te maken aan het verbod Ierse republikeinen rechtstreeks toegang te geven tot radio en televisie.

Opheffing van de nu zes jaar bestaande verbanning uit de ether lijkt aanstaande, nu het kabinet gisteren besloten heeft dat handhaving toenemend “contra-produktief” werkt.

De beslissing volgt op uitlatingen van premier Major woensdag, die er vooral op gericht zijn de Unionisten, de grootste partij in Noord-Ierland, aan zijn zijde te houden. Major wil nog steeds dat de IRA met zoveel woorden zegt dat ze het geweld “voorgoed” staakt.

Het verschil in tempo dat de regering in Dublin en de regering in Londen hebben aangenomen sinds de IRA twee weken geleden aangaf het geweld te zullen opgeven, manifesteerde zich vanmorgen opnieuw nu de Republiek bereid lijkt daar gevangen zittende IRA-terroristen vervroegd vrij te laten. Eén van de eisen van de IRA is altijd geweest dat staken van het geweld beloond zou worden met algehele amnestie voor de “politieke gevangenen” die in de Republiek, Noord-Ierland en Engeland vaak levenslange straffen uitzitten.

De Ierse minister van justitie, Maire Geoghegan-Quinn, ontkende dat er van algehele amnestie sprake zal zijn, maar benadrukte wel dat ze van geval tot geval zal bekijken of vervroegde vrijlating van elk der ruim 80 IRA-gevangenen in de Republiek mogelijk is.

De snelheid waarmee Dublin de IRA en zijn voornemens als oprecht lijkt te omarmen, versterkt de argwaan onder de loyalistische meerderheid in Noord-Ierland. Deze groep trachtte Major woensdag een hart onder de riem te steken door te zeggen: “De IRA heeft 25 jaar lang de meest onverdragelijke wandaden gepleegd. Ik hoop dat ze dat soort wandaden voor goed hebben opgegeven. Ze hebben dat niet uitdrukkelijk gezegd. Ik hoop dat ze het uitdrukkelijk gaan zeggen.”

Premier Albert Reynolds verweet premier Major gisteren dat hij door zijn aarzelingen jegens de IRA een klimaat creëert waarin loyalistische terroristen hun acties gelegitimeerd kunnen achten. Eerder deze week keerden bewoners van protestantse wijken in Belfast zich tegen de (voor 95 procent protestantse) Royal Ulster Constabulary, de politiemacht in Noord-Ierland. Hun verwijt is dat de RUC het, sinds de aankondiging van het staakt-het-vuren van de IRA, speciaal op hen gemunt heeft.

Die klacht is een spiegelbeeld van de bezwaren die het katholieke volksdeel over de RUC uitte, in de aanloop tot de gewelddadigheden van de afgelopen vijfentwintig jaar. Voor de RUC is het opereren in de loyalistische wijken extra gevoelig, omdat de bevolking daar de politiemacht lange tijd stilzwijgend als “van ons” heeft beschouwd.