Lobbygroepen komen in Europese databank

BRUSSEL, 16 SEPT. De commissie van de Europese Unie probeert zicht te krijgen op het steeds groeiend aantal lobbygroepen. Ze stelt daartoe een databank samen van de naar schatting 10.000 lobbyïsten in Brussel. Dat is gisteren bekendgemaakt tijdens de presentatie van het boek 'Lobbying the European Union van de Rotterdamse hoogleraar politicologie M.P.C.M. van Schendelen en R.H. Pedler, directeur van het European Center for Public Affairs.

De commissie van de Europese Unie heeft lobbyïsten tevens gevraagd een gedragscode op te stellen. Ook de Nederlandse socialistische Europarlementariër Alman Metten pleitte gisteren voor regels die de omgang tussen lobbyïsten en Europarlementariërs vastleggen. “Is het aannemen van een maaltijd geaccepteerd?”, vroeg hij zich af. “Neen. Een vliegreis? Soms. Maar korting op de prijs van een auto niet”.

Metten betoogde bovendien dat het lobbysysteem oneerlijk is, omdat commerciële instellingen gemakkelijker kunnen lobbyen dan non-profit organisaties. “Ik lanceer de hypothese dat hoe meer geld je hebt, hoe groter de kans is dat je lobby slaagt”, aldus Metten.

Maar ook een multinational krijgt niet altijd zijn zin, zo blijkt uit 'Lobbying the European Union', waarin een lobby van Philips wordt beschreven als falend voorbeeld. Philips begon midden jaren tachtig een lobby voor een Europese HDTV, om Japan buiten te sluiten van de markt voor deze nieuwe vorm van televisie. Maar, zo wordt beschreven, Philips lobbyde alleen via officiële en hoge kanalen en vergat het Europese Parlement en de publieke opinie te bespelen. Bovendien was de lobby te technisch en eindigde, aldus de auteur, in een 'lange nachtmerrie'.