Galerie Rotterdam

Tot 9/10. Alle galeries, behalve Delta, wo t/m zo 13-17 uur. Folders met gegevens van galeries en exposanten beschikbaar bij de betrokken galeries.

Onder de titel When summer has almost gone openen alle Rotterdamse galeries gelijktijdig het nieuwe seizoen. In de Kunsthal gaven sommigen begin deze maand alvast een voorproefje van het herfst- en winterprogramma, dat nu met veel verwachtingen van start is gegaan.

Fotomania bijvoorbeeld exposeert opnieuw maar nu meer fotowerken van de cineaste Marjoleine Boonstra. Wat ze aan interieurs vastlegt in uithoeken van de wereld is ter plekke al tot een vage herinnering gestold: alsof het moment van fotografen al tot het verleden behoort. Zo zien we een in gouden licht gesponnen zaal met stoelen, die ze ergens in Duitsland met onvaste hand fotografeerde. In China kwam Boonstra een geplooid, dieprood gewaad tegen en in Moskou doemde in de metro de monumentale aanloop van een roltrap op. Als robuuste uitvergrotingen laten deze universele locaties, want zonder details van het typisch landseigene, zich lezen als poëzie die geen vertaling behoeft.

Van volstrekt andere poëzie is de wijze waarop kostuumontwerpster Arien de Vries bij dezelfde galerie demonstreert hoe je een zakelijk vormgegeven tafel, een ontwerp van Erik Schröder, erotisch kan aankleden. Iedere disgenoot weet zich deze winter bij haar, onder tafel tenminste, toegedekt, want ze laat bij de zitplaatsen aan hoofdeinden en flanken uitbundige golven van rood satijnen stof, als wijde rokjes, uit een simpel wit kleed naar voren springen.

Haar andere 'tafelkostuum' is sensueler en brutaler. Het is uit vleeskleurige, lieflijk geborduurde lingerie-stof samengesteld. Maar daar blijft het niet, want zowel bij de zitplaatsen als op het tafelblad zijn in datzelfde kleed mooie, ouderwets gestikte bh's en korsetten verwerkt. De honderden haken en oogjes, de ellelange bandages en puntige brassières, subtiel opgenomen in al dat al dat zoete roze, zijn verweven tot een wellustige textiel-dis. Fellini zou zich er maar al te graag mee omringd hebben.

Iets verderop, aan de Witte de Withstraat, heeft Het Veem inmiddels plaatsgemaakt voor het volgende kunstenaarsinitiatief, De Vaalserberg, zo genoemd omdat in de omstreken van Rotterdam ook het diepste punt van Nederland te vinden is. De Française Clair Maugeais verbleef twee maanden in Nederland, en zoals menige buitenlandse gast viel haar op hoe gemakkelijk men hier zijn interieur blootgeeft, terwijl in omringende landen bij de eerste tekenen van avondschemer de luiken en gordijnen zich sluiten. Ze maakte een enkele foto van twee doodgewone woonhuis-gevels en uit de uitvergrote fotokopieën sneed ze cirkels, als de irissen van het oog, die nu ritmisch de wanden van De Vaalserberg bedekken.

De horizontale en verticale raam- en deurpartijen verwijzen natuurlijk naar Mondriaan, zegt ze, en de witte cirkels die op de tegenoverliggende galeriewand zijn aangebracht, moeten we opvatten als dat wat de wandelaar in Nederland ervaart. Hij of zij duikt links het privé-domein van de burger binnen, en rechts verdwaalt de blik in de nog onbepaalde, publiekelijke ruimte. Een interessant concept weliswaar, maar de uitwerking had helderder gekund, zodat het minder toelichting behoeft.

Een andere, nieuwe expositie-ruimte in de Witte de Withstraat is galerie MK, ondergebracht in de voormalige discotheek Frou Frou. Het uitgebroken interieur is op drie etages in ontredderde staat gehandhaafd. Misschien moet dat maar zo blijven, als contrast met de smetteloosheid van de andere nabijgelegen tentoonstellingsruimten. Craig Roper bundelde op vilt geplakte foto's die zo te zien - stapelingen laten dat minimaal toe - verwijzen naar de bende die we van het milieu maken. Een protesterig allegaartje in tegenstelling tot de bizarre keramiek van Stephan Hasslinger. Uit slierten klei, die rechtstreeks uit tandpasta-tubes gespoten lijken, stelt hij uit de fantasie ontsproten wulpse beelden samen. Ze zijn nauwelijks met iets anders te associëren dan met datgene wat ze als eigenwijs uitstulpsel zijn. Een enkel object wil nog wel eens de gedachte aan een mannelijk geslachtsdeel oproepen.

Zo onwennig als MK is ook de locatie die Galerie Snoei tijdelijk heeft betrokken voor de schilderijen van Tim Maguire. Snoei verhuisde naar de door daglicht overgoten, bovenste verdieping van het patriciërspand, De Harmonie, om de hoek van de Witte de Withstraat. Behalve een nu al befaamd restaurant is er ook een voorname zakenclub ondergebracht.

Maguire werkt details van 17de-eeuwse Nederlandse bloemstillevens uit op forse doeken. Dankzij een knappe, transparante schildertechniek krijgt een enkele roos of parkiet-tulp het aanzien van onherroepelijke vergankelijkheid. Zo'n thema kan snel tot kitsch vervallen, maar dankzij de elegante, lefgozerige composities van Maguire, roepen deze pronkstukken een gevoel op van 'joie de vivre', van niet al te diepgaande melancholie. Dat hij ook andere spelletjes met de kunstgeschiedenis uithaalt bewijst een serie 'Fontana-schilderijtjes'. De messneden die Fontana bij wijze van logo in elk doek achterliet, zijn zo geraffineerd geschilderd dat men in eerste instantie niet beter weet of Snoei heeft nog wat kostbare winkeldochters in de aanbieding.

Terwijl de opening in het Centrum Witte de With afgelopen weekend weer een drukte van belang te zien gaf, kon men bij de daar tegenoverliggende XX Multiple Galerie op vijf monitoren in alle rust naar videobanden kijken van onder anderen Bill Viola, die volgend jaar op de Biennale in Venetië Amerika zal vertegenwoordigen. Voor zestig piek dwaalt men een uur lang door godverlaten landschappen, diepe wateren en nachtelijke woonvertrekken. Viola's wegen zijn ondoorgrondelijk. Hij kiest voor eenzame routes, dezelfde die ook de menselijke geest in razend tempo kan afleggen, met dat verschil dat hij de tijd neemt voor zijn gedachtensprongen en ze vol verwondering visualiseert, zonder de gekunsteldheid en de overdaad aan narcistische trekjes die dit genre zo vaak kenmerken.

Een groot contrast met het werk van de beroemde Viola is De Zaklantaarn van Violette Belzer, eveneens bij XX Multiple Gallery. Dit jaar studeerde Violette Belzer af aan de Academie in Rotterdam met een schokkend verhaal van twee minuten en 35 seconden, opgebouwd uit circa 1.800 zelf gemaakte tekeningen. Het tekenfilmpje gaat over de bloei en de afbraak van een liefde, over een kwetsbaar zelfbeeld, over kinderlijkheid die getoond en afgestraft wordt. Het is knap als je in zo'n kort tijdbestek, met zulk simpel materiaal als potlood en verf, de toeschouwer een klap weet uit te delen.

Galerie Ram, tenslotte, en dan zijn we weer in de buurt van de eerstgenoemde galerie Fotomania, pakt sensationeel uit met Sculpture City. Gelukkig niet het zoveelste beeld voor de openbare ruimte, maar de presentatie van een ruimtelijke tussenvorm, ontstaan uit de samenwerking van architect Kas Oosterhuis en beeldend kunstenaar Ilona Lenard.

Uit achteloos neergezette ellipsjes van Lenard, 'doodles', is via de computer een wolk-achtige constructie opgeblazen, die gescanned en gedigitaliseerd nu op monitoren als een drie-dimensionale draagconstructie of als moleculair systeem van alle kanten toegankelijk is gemaakt en die ook nog op reusachtig foto-formaat is ingemonteerd in het centrum van Rotterdam. Zo'n wolk in beton zou op die locatie - tussen uitersten van bouwkunst als het Witte Huis en de nabije 'gevouwen' kantoorkolos van architect Wim Quist - volstrekt niet misstaan. Of Rotterdam warm loopt voor deze doodle-architectuur valt sterk te betwijfelen. Zelfs wolken moeten zich in deze stad een beetje rechthoekig gedragen.