Fluitconcerten pijnigen Gullit in Amsterdam zijn

AMSTERDAM, 15 SEPT. Een veiligheidsbeambte bracht hem van de kleedkamer naar de bus van AC Milan. Om problemen te voorkomen had Ruud Gullit de opdracht gekregen meteen door te lopen. Maar veel mensen stonden er een uur na de wedstrijd niet meer te wachten. “Wat een eikel”, zei een meisje met halfzachte stem. Verder was het stil. Gullit had door de 2-0 nederlaag tegen Ajax zijn verdiende loon gehad, vond men.

Stil was het tijdens de wedstrijd niet geweest. Veertig keer had Gullit de bal geraakt en veertig keer was hij door ruim 40.000 toeschouwers massaal uitgefloten. Op die manier gaf het publiek blijk hem zijn vertrek uit het Nederlands elftal vlak voor het WK nog steeds hoogst kwalijk te nemen. Gullit had, zei hij na afloop, het gefluit en gejoel lange tijd niet gehoord. “In het veld ben je met die wedstrijd bezig. Dan sluit je je voor alles af. Maar toen het 2-0 stond hoorde ik het wel. Het was niet leuk, nee.”

Vooraf hadden verscheidene prominenten een goedbedoelde oproep gedaan aan de supporters om Gullit niet onheus te bejegenen. Maar zoiets werkt in Nederland juist averechts. De speaker van het Olympisch Stadion probeerde het 35 minuten voor de aftrap ook nog een keer. Het had een snerpend fluitconcert tot gevolg dat nog veel heviger werd toen Gullit vijf minuten op het veld verscheen voor de warming-up. Het moet hem door merg en been zijn gegaan. En dat uitgerekend in Amsterdam, zijn Amsterdam, daar waar hij werd geboren en opgroeide, daar waar hij nog niet eens zo lang geleden als trotse aanvoerder van de Europese kampioen door meer dan een miljoen mensen werd binnengehaald. “Ik was hier op voorbereid”, hield hij zich groot.

Daarom, legde hij uit, had hij voor de wedstrijd niets willen zeggen. Bij aankomst op Schiphol, dinsdagavond, had hij nogal onhandig zijn walkman opgehouden en alle vragen afgewimpeld. “Ik ga geen onzin verkopen. Ik wilde eerst kijken hoe het zou gaan.”

Hij had zo graag zijn voeten willen laten spreken. Hij had met prestaties op de grasmat van het Olympisch Stadion zijn gelijk willen halen. Gullit speelde gisteravond ook zeker niet slecht, maar zijn ploeg liet hem in de steek. “Dit was niet het goede moment voor ons om tegen Ajax te spelen. We hebben te veel blessures.” Hij schoot in de eerste helft een keer op de paal, maar de scheidsrechter had op dat moment al gefloten voor buitenspel. Lang had hij gehoopt dat het in ieder geval 0-0 zou blijven. Dat lukte niet. Vandaar dat hij opgelucht was toen de wedstrijd was afgelopen. “Gullit, bedankt”, zongen de supporters in de slotfase cynisch.

Ondanks de nederlaag en het gefluit had hij geen spijt dat hij was gekomen, zei hij. Bang was hij ook nooit geweest. Om de vraag of hij tijdens zijn kortstondige verblijf in Nederland permanent was bewaakt, moest hij hard lachen. “Je moet niet overdrijven, zeg. Maak je om mij maar geen zorgen.” Cabaretier Freek de Jonge, een Ajacied in hart en nieren, kwam na afloop in de catacomben het telefoonnummer van Gullit vragen. “Vond je het niet eng worden?” “Nee”, antwoordde de voetballer, “het viel wel mee”.

Op het veld zelf bleven problemen uit. Ze waren wel voorspeld. De internationals van Ajax zouden hun gram willen halen op hun gevluchte teamgenoot bij Oranje. Dat bleek niet het geval. Er werd de hele wedstrijd niet één overtreding op Gullit gemaakt en andersom ook niet. Er was zelfs bijna nooit sprake van lichamelijk contact. Het had waarschijnlijk meer met fatsoen dan met respect te maken.

Gepraat werd er niet door Gullit en zijn tegenstanders. Twee Ajacieden, Frank de Boer en doelman Van der Sar, schudden meteen na afloop Gullit de hand en in de kleedkamer ruilde de Nederlandse Milanees shirts met de jonge spits Kluivert. Dat was alles.

Amper twee uur na het eindsignaal, even na twaalven, vertrok Ruud Gullit met zijn ploeggenoten alweer naar huis. De tijd dat hij graag langer in Amsterdam wilde blijven lijkt definitief voorbij.