Clinton licht op tv invasie toe; Machthebbers Haïti verdeeld over aftreden

WASHINTON/PORT-AU-PRINCE, 15 SEPT. De militaire junta van Haïti is verdeeld over de vraag of zij moet aftreden onder internationale druk. Een van de drie juntaleden, Michel François, zou kortgeleden hebben aangeboden te onderhandelen over een machtsoverdracht.

Dat heeft een hoge Amerikaanse regeringsfunctionaris, die anoniem wilde blijven, gisteren verklaard. François, chef van de politie, zou hebben aangeboden een regeling te treffen waarbij de junta zou aftreden maar in Haïti zou mogen blijven zonder vervolgd te worden voor misdaden tijdens hun bewind. François zou inmiddels onder druk van zijn mede-juntaleden van standpunt zijn veranderd. Volgens de Amerikaanse functionaris hebben de drie leden van de junta - naast François, generaal Raoul Cédras en stafchef Philippe Biamby - elk “een andere geestesgesteldheid”. Hij noemde Biamby “de meest onvoorspelbare”.

De Amerikaanse president Clinton zei gisteren dat het nog niet te laat is voor de junta om af te treden, maar sloot nieuwe onderhandelingen uit. “Het is tijd, ze moeten vertrekken en dat zullen ze doen, hoe dan ook”, aldus Clinton, die verslaggevers foto's liet zien van gruwelijkheden die zouden zijn bedreven onder het huidige bewind. Mogelijk stellen de VS de junta alsnog een ultimatum om te vertrekken.

In de wateren rondom Haïti verzamelt zich nu een omvangrijke Amerikaanse strijdmacht die naar verwachting over enkele dagen door middel van een invasie een eind kan maken aan het militaire bewind van de junta en de in 1991 verdreven president Jean-Bertrand Aristide kan laten terugkeren. Vanavond houdt Clinton een televisietoespraak, naar wordt aangenomen om het Amerikaanse volk - dat in meerderheid tegen een militaire operatie in Haïti is - te overtuigen van de zin ervan.

De Verenigde Naties, de Verenigde Staten en de in 1991 verdreven Haïtiaanse president van Haïti, Jean-Bertrand Aristide, hebben steeds het onvoorwaardelijke vertrek van de junta geëist. Vorige maand verklaarden bronnen binnen de Amerikaanse regering dat de VS de leden van de junta met behoud van hun rijkdom naar het buitenland zouden willen laten vertrekken zonder hen te laten vervolgen. De functionaris verklaarde gisteren dat de VS “geen jacht op Cédras, François en de anderen willen openen”, maar dat zij “geen kans maken de Haïtiaanse justitie te ontlopen als zij in Haïti blijven”.

De Haïtiaanse 'interim-president' Emile Jonassaint, leider van de door de junta ingestelde regering, weigerde gisteren echter te zwichten voor Amerikaanse dreigementen.

Pag.5: 'Zon der democratie'

Amerikaanse vliegtuigen hebben gisteren opnieuw boven diverse Haïtiaanse steden pamfletten afgeworpen met een foto van president Aristide aan de ene zijde en aan de andere kant de tekst “de zon van de democratie, het licht van de rechtvaardigheid, de warmte van de verzoening”. Op sommige plaatsen sloegen Haïtiaanse militairen burgers die ze opraapten en wilden lezen.

Het Haïtiaanse ministerie van binnenlandse zaken heeft alle verkeer op hoofdwegen tussen zeven uur 's avonds en zeven uur 's ochtends verboden. Journalisten in de hoofdstad Port-au-Prince zeggen dat het Haïtiaanse leger zich nauwelijks voorbereidt op een Amerikaanse invasie.

Vanaf zaterdag, als de Amerikaanse strijdmacht in zijn geheel aanwezig is, wordt rekening gehouden met een invasie. Volgens de minister van defensie, William Perry, is er nog geen tijdstip vastgesteld voor een invasie. Maar hij zei dat de invasie “heel spoedig” zou kunnen plaats hebben. Zo'n operatie blijft in de VS omstreden, zowel in de publieke opinie als onder politici. Volgens senator John Glenn kan een invasie “de Dover-test niet doorstaan”. Dover is de luchtmachtbasis in de staat Delaware waar traditioneel de lijken van in het buitenland gesneuvelde Amerikaanse soldaten aankomen.

President Clinton liet gisteren aan journalisten van internationale persbureaus foto's zien van gruwelijke moorden en mensenrechtenschendingen in Haïti. Hij zei dat de junta moet verdwijnen omdat het “een wreed en brutaal regime is”, omdat “het risisco bestaat van een nieuwe exodus Haïtiaanse bootvluchtelingen” en “om de democratie in dit [westelijk] halfrond” uit te breiden. Vanavond zou hij in een televisietoespraak aan het Amerikaanse volk toelichten waarom een invasie doorgang moet vinden.

Volgens de woordvoerster van het Witte Huis komt president Clinton één dag eerder dan gepland terug van zijn voorgenomen reis naar Californië, op zondagavond. Dat zou erop duiden dat de invasie maandag al kunnen plaats hebben. Dit weekeinde houdt de Amerikaanse ambassadeur in Haïti, William Swing, in Port au Prince een town meeting voor de 3.000 à 3.500 mensen met de Amerikaanse nationaliteit in Haïti. Daarin vertelt hij wat ze moeten doen als de Amerikaanse troepen komen.

“Dit wordt de meest publieke invasie sinds de slag van Bull Run tijdens de burgeroorlog, toen alle mensen uit Washington met paard en wagen kwamen om te kijken”, kritiseerde de Republikeinse Senator John McCain gisteren. De Democratische leider van de Senaat, George Mitchell, heeft de behandeling van een niet-bindende Senaatsresolutie van de Republikeinen, die de invasie afwijst, tot volgende week uitgesteld. Hij heeft zelf een resolutie ingediend, waarin Clinton wordt verzocht het Congres om advies te vragen voor hij tot invasie overgaat. De 3,1 miljoen leden tellende American Legion van conservatieve oorlogsveteranen heeft gisteren de invasieplannen in een brief aan president Clinton veroordeeld.

De Amerikaanse onderminister van buitenlandse zaken, Strobe Talbott gebruikte CNN om nieuwe dreigingen naar Haïti uit te zenden. Hij zei dat de internationale strijdmacht in ieder geval Haïti moest binnentrekken of de generaals zouden opstappen of niet. Als de generaals vertrekken “zijn de politie en de militaire structuur daar onthoofd, hetgeen de mogelijkheid van wanorde en geweld schept. Het is een van de missies van de multinationale strijdmacht om dat tegen te gaan”.