Tegen- en meevallende Amerikaanse inflatiecijfers

AMSTERDAM, 14 SEPT. De financiële markten waren in de verslagweek gefixeerd op de bekendmaking van Amerikaanse inflatiecijfers. Vrijdag bleek dat de producentenprijzen over de maand augustus met maar liefst 0,6 procentpunt (t.o.v. juli) waren gestegen, een hoger cijfer dan waarop was gerekend. In reactie hierop daalden de obligatiekoersen (steeg de kapitaalmarktrente) in de VS. De 'mineurstemming' sloeg over naar Europa. Toen gisteren bekend werd dat de consumptieprijsstijging in augustus zich had beperkt tot 0,3 procent (wederom t.o.v. juli) werd de rentestijging aan deze en gene zijde van de oceaan ten dele teniet gedaan.

Niettemin liggen de rentetarieven in ons land per saldo wederom hoger dan een week geleden, zowel op de kapitaalmarkt als op de geldmarkt. Dat ook de geldmarktrente de neiging heeft iets op te lopen, kan niet los worden gezien van de opmerkingen van enkele Bundesbank-bestuurders. Zoals bekend, voorzagen zij op korte termijn weinig ruimte voor een daling van de officiële geldmarkttarieven. Voorts kan worden gewezen op renteverhogingen in andere Europese landen (Verenigd Koninkrijk, Italië en Zweden). Ofschoon voor deze landen slechts binnenlandse factoren een rol speelden voor de verkrapping van het monetaire beleid, en het Duitse rentebeleid feitelijk los staat van deze ontwikkelingen, wordt hiermee toch het rentepessimisme gevoed. Ten slotte kan worden gewezen op het economische herstel in Duitsland. Omdat cijfers over het tweede kwartaal erop duiden dat het groeiherstel in Duitsland robuuster is dan tot voor kort werd aangenomen, wordt de kans op een spoedige renteverlaging kleiner. Morgen komt de Bundesbank bijeen voor een reguliere tweewekelijkse vergadering.

Liepen de geldmarkttarieven voor de langere termijnen iets op, het kortste geldmarkttarief, de daggeldrente, bleef in de verslagweek nagenoeg stabiel rond de 4,9 procent. De toewijzing van beleningen door DNB bleek toereikend; de besparing van het gezamenlijke bankwezen bleef constant. Maandag was 58,2 punt van de contingentsperiode voorbij, terwijl 57,9 punt van het toelaatbare beroep was verbruikt. Met ingang van morgen is voor een periode van 15 dagen een nieuwe kasreserve vastgesteld, met een omvang van ruim 21,3 miljard gulden. Dat deze 3,6 miljard hoger is dan de huidige kasreserve, hangt samen met de (geldmarkt-verruimende) betalingen die de overheid de komende dagen zal verrichten. Voor een bedrag van 3,5 à 4, miljard zullen rente- en aflossingen op staatsleningen en uitkeringen worden verricht. Volgende week dienen ook de ambtenarensalarissen over september te worden voldaan. Het is vrijwel zeker dat het saldo van 's Rijks schatkist (afgelopen maandag 3,9 miljard gulden) daarvoor niet toereikend is. Het Rijk zal zich dus moeten begeven op de professionele geldmarkt voor aanvullende financiering.

Bron: Economisch Bureau ING Groep