Overmoedig Twente in eigen huis door Honved pijnlijk te kijk gezet

ENSCHEDE, 14 SEPT. Het onbegrip was gisteravond groot bij FC Twente, na de ontluisterende 4-1 nederlaag in de strijd om de UEFA-cup. Natuurlijk, veiligheidshalve was in de begroting voor dit seizoen slechts op één ronde internationaal voetbal gerekend. Maar toen de loting had bepaald dat Kispest Honvéd in de eerste ronde de tegenstander zou zijn, groeide het geloof dat méér mogelijk was. Wat stelden die Hongaren nou immers voor? Assistent-trainer Fred Rutten “ontdekte” na een bezoek aan Budapest dat de spelwijze van Kispest “ouderwets” is en dat een tegenstander die met meer dan twee spitsen durft te spelen enorme verwarring bij de Hongaarse spelers veroorzaakt.

Dat advies was bij zijn chef Issy ten Donkelaar niet aan dovemansoren gericht. Hij stelde twee authentieke buitenspelers op, een diepe spits en een zogenoemde schaduwspits, die de achterhoede van Kispest moesten overdonderen. De opzet mislukte volkomen. De Twentse voorhoedespelers liepen elkaar voortdurend in de weg. En als ze elkaar al eens wisten te omzeilen, werd hen de weg versperd door een hecht collectief van zeven Hongaarse verdedigers. Langzaam wanhopig wordend, gingen ook middenvelder Boerebach en vrije verdediger Hoogma zich in de loop van de wedstrijd nog eens regelmatig met de aanval bemoeien, waardoor het alsmaar drukker werd voor het doel van István Brockhauser.

In de tweede helft leek het soms of daar een wedstrijdje tussen overenthousiaste pupillen werd gespeeld. Aan de andere kant van het veld deden Béla Illés, Ferenc Orosz en vooral Kálmán Kovacs waar ze zin in hadden. De verdedigers van Twente raakten er hevig door gefrustreerd. Toen Ruud Kool in de slotfase naar de botte bijl greep, werd hij door de scheidsrechter van het veld gestuurd. Kovacs had op dat moment al driemaal gescoord.

Trainer Ten Donkelaar kon het na afloop allemaal maar nauwelijks begrijpen. “Dit is moeilijk te verteren. We hadden vooraf behoorlijk hoge verwachtingen. Ik dacht dat het kon, met vier aanvallers spelen. Ik denk nog steeds dat het kan. Maar sommige spelers konden het niveau kennelijk niet aan. Of liever, de spanning werd hen teveel. Dit heeft niets met tactiek te maken, maar met fouten van individuele spelers.”

Dimitri Davidovic, die een lange carrière als trainer van Belgische clubs achter de rug heeft, hoorde het betoog van zijn collega aan met een brede glimlach. “Winnen is altijd plezant”, stelde hij in een opmerkelijk Hongaars-Vlaams dialect. “Ik denk dat er bij Twente sprake is geweest van onderschatting.”

Davidovic, die eind jaren zestig voor het Nijmeegse NEC speelde, refereerde aan de uitspraak van Rutten dat Kispest “ouderwets” zou spelen. Ten Donkelaar ontstak daarop in woede. “Schandalig, wat u zegt, ik vind dit gewoon laag”, schreeuwde hij. De trainer ontkende dat zijn assistent de gewraakte uitlatingen had gedaan en vond dat Davidovic hem een dergelijk verwijt “in zijn gezicht” had moeten maken en niet tijdens een persconferentie. Davidovic reageerde kalm: “Ik wilde er niets mee zeggen. Maar we zijn er wel extra gemotiveerd door geraakt.”

Hoe dan ook, de neutrale toeschouwer had kunnen genieten van het technisch-fraaie voetbal dat generaties Hongaarse voetballers al hebben getoond. Kispest Honvéd - beter bekend als Budapesti Honvéd, de naam die tussen 1949 en '91 werd gedragen - heeft een roemrijk verleden. In de jaren vijftig werd wereldroem vergaard met voetbal dat volgens overlevering meermalen de perfectie benaderde. Namen van spelers als Kocsis en Puskás worden nu nog met ontzag uitgesproken in Hongarije.

Ook in een recenter verleden kwam Honvéd tot zeer aanvaardbare prestaties. Onder aanvoering van baltovenaar Détári hadden de nazaten van Puskás c.s. in de jaren tachtig vrijwel het alleenrecht op de Hongaarse titel. De tegenstander in slaap sussen om dan hardvochtig toe te slaan, was de spelwijze die ook het nationale team met liefde aanhing.

Sinds het ineenstorten van het Oostblok lijkt ook het Hongaarse voetbalbolwerk in verval geraakt. Veelbelovende spelers kan wegens een gebrek aan financiële middelen geen toekomst worden geboden. Al op jonge leeftijd zoeken velen van hen daarom hun heil in het buitenland. Hun vervangers zijn nogal eens met minder talenten bedeelde (voormalige) Joegoslaven.

Maar dat ook een team met die achtergrond tot mooie dingen in staat is - zeker wanneer de tegenstander overmoedig raakt -, ondervond op pijnlijke wijze FC Twente. “Juist FC Twente”, meende Edwin Vurens, de schaduwspits die er niet aan te pas kwam. “Als wij niet snel scoren, krijgen we problemen. Voor ons wordt de speelruimte dan steeds voller, terwijl de tegenstander volop ruimte krijgt. Spelers met internationale ervaring (bij Honvéd speelden gisteren acht spelers met interland-ervaring mee, red.) weten wel hoe ze daarvan moeten profiteren.”