KALKOEN MET CIDER EN PRUIMEN

Voor dit gerecht kunt u ook een kleine, in stukken gesneden kalkoen gebruiken. Verleng in dat geval de stooftijd met twee à drie kwartier.

Voor 4 personen:

16 gedroogde pruimen (pruneaux) 3/4 liter appelcider 6 sjalotten 2 uien 4 bosuien 40 gram boter 4 kalkoenfilets zout, peper 2 deciliter crème fraîche

Was de pruimen en week ze in een kwart liter apppelcider. Pel en snipper de sjalotten, de uien en de bosuien. Verhit de boter in een ruime koekepan of braadpan en bak hierin de kalkoenfilets rondom bruin. Neem het vlees uit de pan en bak er de uien 2-3 minuten in. Doe de appelcider en opnieuw de filets erbij en laat alles 20-30 minuten pruttelen. Voeg 5 minuten voor het eind de pruimen toe. Roer de crème fraîche door het vocht in de pan en breng deze saus met zout en peper op smaak. Als u wilt mag u de saus met wat gladgeroerde maïzena dikker maken. Eet bij het gerecht (Bretonse) aardappelpuree en een salade. Bretonse aardappelpuree is licht gezoet en gekleurd door het meekoken van enkele worteltjes.