Mitterrand verdedigt houding na de oorlog

PARIJS, 13 SEP. De Franse president François Mitterrand heeft de berechting van Franse oorlogsmisdadigers tijdens zijn presidentschap afgeremd. In een vraaggesprek van anderhalf uur op de nationale televisie heeft hij dat impliciet toegegeven. Hij verdedigde zijn houding met een beroep op zijn plicht een einde te maken aan “de burgeroorlog tussen Fransen”.

De president veroordeelde na lang aandringen de misdaden van het met de Duitsers collaborerende Vichy-regime van maarschalk Pétain, waarvoor hij tijdens de Tweede Wereldoorlog tot 1943 heeft gewerkt. Hij weigerde echter de slachtoffers excuses aan te bieden namens Frankrijk: “Het zijn fanatieke enkelingen geweest die zich van de macht meester hebben gemaakt om die misdaden te begaan, het was niet Frankrijk, niet de Republiek.”

Mitterrand (77) wierp verwijten over zijn jarenlange naoorlogse vriendschap met René Bousquet, de politiechef van Vichy, verre van zich. Dat pijnlijke feit, bekend geworden door publikatie van een historische studie door Pierre Péan over zijn jeugd, is de aanleiding voor een controverse die de Franse publieke opinie diep in het collectieve oorlogsverleden dompelt.

Als secretaris-generaal van politie van het Vichy-regime was Bousquet verantwoordelijk voor de grote razzia onder buitenlandse joden in Parijs. Bij deze vrijwillig uitgevoerde operatie van 16 en 17 juli 1942, bekend geworden als de Rafle du Vel' d'Hiv (Razzia van het Vélodrome d'Hiver) zijn ongeveer 13.000 joden opgepakt. Zij zijn onder mensonterende omstandigheden een week in een wielerstadion in Parijs gevangen gehouden voordat zij op transport werden gesteld naar Auschwitz. “Waarom, waarom?”, riep de president bij herhaling uit op de vraag of hij geen ernstige beoordelingsfout had gemaakt door na de oorlog met Bousquet te blijven omgaan. “Hij was na de oorlog vrijgesproken door het hoogste gerechtshof”, zei hij.

Pag.4: Verzwakte Mitterrand wil nog niet vervroegd met pensioen

“Hij had van de Raad van State zijn Légion d'Honneur teruggekregen. Hij werd ontvangen in de hoogste politieke kringen”, zei de president. Mitterrand meende zich te herinneren Bousquet vanaf 1986 niet meer te hebben ontmoet, toen de man opnieuw in opspraak kwam. Bousquet is vorig jaar vermoord zonder berecht te zijn.

François Mitterrand zei in het tv-gesprek dat hij vòòr het verstrijken van zijn ambtstermijn alleen zou aftreden als hij zo zwaar onder zijn ziekte (prostaatkanker) zou gaan lijden dat hij alleen nog maar met zichzelf bezig was.

Daar was nog geen sprake van, hij had direct na zijn tweede operatie in juli maar één ministerraad hoeven missen. Zijn ziekte was overigens niet teruggedrongen door de behandeling. Als critici hem tot aftreden om andere redenen zouden willen brengen, zou hij zich extra inzetten om de wettelijke eindstreep te halen.

President Mitterrand maakte tijdens het gesprek in zijn Elysée-paleis een zwakke, vermoeide indruk en was bij vlagen zeer gespannen. Naarmate de vragen over zijn rol tijdens en na de oorlog klemmender werden, leek hij op te leven. Bij vlagen reageerde hij uitgesproken. het staatshoofd werd ondervraagd door Jean-Pierre Elkabbach, de door de huidige rechtse regering benoemde president-directeur van France Télévision, die als journalist eerder door een linkse regering nog van de staatstelevisie werd verdreven.

Mitterrand zei bij het begin van het direct uitgezonden gesprek er aan te hechten geen enkele vraag uit de weg te gaan omdat hij zich daartoe verplicht voelde jegens al die gewone Fransen die op hem hadden gestemd en zich nu in de steek gelaten voelden. De reacties van burgers en politici varieerden totnutoe van 'pathetisch' tot 'indrukwekkend, moedig'.

De meest uitgesproken criticus van de houding van de president ten opzichte van de oorlog is de advocaat Serge Klarsfeld, de Franse Wiesenthal, die veel historisch en juridisch werk heeft gedaan om met name de gevallen joden recht te doen. Hij vergelijkt de nu onthulde levensloop van Mitterrand met die van ex-president Waldheim: “Als destijds bekend was geweest dat hij voor de regering van Pétain had gewerkt om carrière te maken, dan was Mitterrand nooit tot president gekozen. Hij heeft gelogen door te verzwijgen.”