Winst voor twee gewaardeerde therapeuten

BONN, 12 SEPT. Of het nu wegens hun karakters of wegens de omstandigheden was, de grote winnaars Kurt Biedenkopf (CDU) en Manfred Stolpe (SPD) hebben gisteren in 'hun' Oostduitse deelstaten Saksen en Brandenburg laten zien dat 'persoonlijke politiek' het bij kiezers soms beter doet dan het programma of de veronderstelde ideologische koers van hun partij.

Helden zijn zij, alletwee, voor de kiezers. Dat wil zeggen: voor de Oostduitse kiezers, die behalve wat meer economisch succes nu vooral zoeken naar wat het psychologische complement van de Duitse eenwording mag heten. Die arme kiezers willen een perspectief en een bevestiging dat ze meetellen. Ze willen voor vol worden aangezien in het verenigde Duitsland. Meer nog, ze willen eigenlijk, ook in hun eigen regionaliteit, een plaatsje onder de zon. En dat desnoods ten koste van de broeders en zusters in de aanpalende regio. Elders in Europa is dat niet anders.

Hoewel, in het verenigde Duitsland is het toch een beetje anders dan in bij voorbeeld Polen, Tsjechië of Hongarije. Laat staan in Bulgarije, Slowakije, Roemenië of de Oekraïne. Daar vergelijkt men historisch, namelijk met gisteren, toen de plaatsvervangers van Moskou de macht hadden. Maar tussen Dresden en Potsdam vergelijkt men óók geografisch, dus met Hamburg en München. Zoals ruim een halve eeuw en langer geleden, toen Saksers, Rijnlanders, Hanseaten en Pruisen elkaar ook al wantrouwend bekeken. Wat dat betreft is er trouwens niets nieuws onder de zon in de vergrote, maar nog steeds opvallend federale Bondsrepubliek. De Duitse eenwording onder het protestantse Pruisen van Otto von Bismarck in 1871, een schok voor Europa maar ook een schok voor Duitsland zelf, is zogezien wel vergelijkbaar met de Duitse eenwording van 1990 onder de rooms-katholieke Pfälzer Helmut Kohl, het eigenlijk veel breder georiënteerde, 'Europese' politieke kleinkind van de oude Rijnlandse separatist en 'West-integrator' Konrad Adenauer.

In Saksen en Brandenburg gold ook enigszins, toegespitst op de personen Stolpe en Biedenkopf: Is daddy going to take us flying, high and safely en net zo mooi of misschien zelfs mooier dan de buren gewend zijn? Naar Mallorca kan nu iedereen die de acceptgirokaart van Neckermann of TUI-Reisen met succes invult. Maar hoe zit nu het verder met de vrijheid? Zijn we maar burgers van de 'tweede klasse', wier industrie vergaan of in Westduitse hand geraakt is, bespot wegens onze Kinderhorten (creches), spijkerbroek, onze baarden, snorren en verwaarloosde binnensteden? Worden wij, na onze DDR-jaren, nu geïnquisiteerd, anders dan die nu zo zelfbewust-succesvolle Westduitsers na de Hitler-tijd?

Economisch perspectief én psychologische voldoening in het Oost-Westverkeer zijn voor Oostduitsers in de Bondsrepubliek anno 1994 electorale toetsstenen. Waarbij de psychologie dus ook wil dat de regionale chef weet te voldoen aan een dubbele opdracht: hij moet de weg naar het Westen kennen en openhouden én zijn plaats in het Oosten, en de belangen en de wensen van zijn kiezers daar, niet vergeten.

Stolpe en Biedenkopf waren en zijn op deze ingewikkelde verlanglijst geslaagde mannen. In de SPD is de 58-jarige Oostduitser Stolpe, die voorjaar 1990 lang aarzelde of hij lid van de CDU of de SPD zou worden, iemand die geregeld tegen de partijlijn ingaat als hij dat in het belang van Brandenburg acht. Hij wordt vooral in West-Duitsland al twee jaar gekritiseerd wegens de contacten die hij in de DDR als hoogste jurist en onderhandelaar van de Oostduitse evangelische kerken had met de gehate Oostduitse staatsveiligheidsdienst (Stasi).

Deze frequente contacten onder de Stasi-deknaam 'Sekretär', die Stolpe zelf nooit heeft ontkend, onderhield hij om het lot van politiek vervolgden te verlichten of hun uitreis naar de Bondsrepubliek mogelijk te maken. Vroegere Oostduitse burgerbewegingen menen dat Stolpe daarbij dubbelspel gespeeld heeft, een veronderstelling die nieuw voedsel kreeg toen twee jaar geleden uit Stasi-dossiers werd opgemaakt dat hij ooit van zijn Stasi-begeleidingsofficier persoonlijk een hoge DDR-onderscheiding had ontvangen.

Stolpe is dat blijven ontkennen. Zelf zegt hij die onderscheiding te hebben gekregen van de toenmalige, intussen overleden, DDR-staatssecretaris voor het contact met de kerken. Die kwestie leidde in zijn smalle coalitie in Potsdam afgelopen voorjaar tot een crisis, nadat de fractieleider van de vroegere DDR-burgerbeweging Bündnis '90 hem voor leugenaar had uitmaakt. In West-Duitsland leek het toen alsof de dagen van Stolpe geteld waren. Maar het tegendeel was waar, zoals gisteren gebleken is. Juist het feit dat de Ossi Stolpe als man van de kerken in de DDR vermoedelijk alleen maar had kunnen overleven door, zoals de overgrote meerderheid van de Oostduitsers, 'zonodig' af en toe vuile handen te maken, geeft hem een enorm krediet. Als ergens gebleken is van het (nog) grote verschil tussen Oost- en Westduitse roerselen, dan is het in deze kwestie.

In het geval-Biedenkopf, de intellectuele man van de (tweede) vrouw die zijn grootste, overal aanwezige supporter is en die gisteravond voor de televisie van harte ja zei op de vraag of zij als 'Landesmutter' mag gelden, is veel overeenkomstigs te noteren. Biedenkopf is een in 1930 in Kohls woonplaats Ludwigshafen geboren Wessi die in Merseburg (bij Halle in Oost-Duitsland) opgroeide. Hij is in veel opzichten de antipool van de CDU-eenheidskanselier, die de gretige Oostduitsers in de verkiezingscampagne van 1990 “bloeiende landschappen” beloofde maar daarna, tot afgelopen voorjaar, in de gewezen DDR vooral werd gezien als bedrieger en als regisseur van een enorme en ongedachte economische kaalslag.

Biedenkopf, jurist, econoom, ooit directeur van de Henkel-wasmiddelenfabriek, een van de oprichters en rector-magnificus van de universiteit van Bochum, en ook de man die als secretaris-generaal de CDU wilde 'hervormen' en meer open wilde maken dan Kohl lief was, is sinds 1990 als het ware Saksischer geworden dan de meeste Saksers. Hij was alvast, voorjaar 1990, hoogleraar geworden in Leipzig vóór zichtbaar was hoe snel het tot de Duitse eenwording zou komen. Hij werd vervolgens, min of meer als tweede keus, in 1990 CDU-lijsttrekker in Saksen, in plaats van Lothar Späth, de wegens zijn te hartelijke contacten met het bedrijfsleven gesjeesde premier van Baden-Württemberg.

Sindsdien geldt Biedenkopf als eerste belangenbehartiger van de Oostduitsers, wier belangen hij aanvankelijk diende door een zo snel mogelijke gelijktrekking van lonen in West-en Oost-Duitsland te eisen. Een eis die de eerdergenoemde kaalslag in de vroegere DDR wegens haar lagere economische produktiviteit trouwens versnelde en waarop de Saksische premier sinds vorig jaar dus ook niet meer aandringt.

Zoals Stolpe wegens zijn door Westduitsers gekritiseerde biografie en zijn regionale, Brandenburgse preferenties voor veel Oostduitsers 'één van ons' was en is, werd Kohls CDU-tegenvoeter Biedenkopf als representant van de Saksische (bedrijfs)belangen en als een aantrekkelijk ecomisch en sociaal alternatief voor de politiek van Bonn gezien. Wat dat betreft hadden Stolpe en Biedenkopf de afgelopen jaren óók een vergelijkbare rol als therapeut.