Palestijnse huizen gaan plat voor 'verjoodsing' Jeruzalem

ZA'IM A-TUR, 12 SEPT. “Wie huizen verwoest, vernietigt de vrede”. Onder die slagzin organiseerde Gush Shalom, een kleine Israelische vredesactiegroep zaterdag een demonstratie tegen plannen van de gemeente Jeruzalem om veertig illegaal gebouwde huizen in Za'im A-Tur, een buitenwijk van Oost-Jeruzalem, te vernietigen. Het puin van vijftien huizen die al met bulldozers en springstof zijn platgelegd, ligt tegen de hellingen van dit overwegend nog lege rotsland dat voor de Israelische ontwikkelingsplannen van Jeruzalem van groot belang is.

Uri Avneri, de Israelische vredesactivist van het eerste uur, waarschuwde dat er van vrede niets terecht komt als Oost-Jeruzalem niet de hoofdstad van de Palestijnse staat wordt. “Geen vrede zonder vrede in Jeruzalem”, riep hij. In een grote kring stonden Palestijnse bewoners van de veroordeelde huizen om hem heen. “Ik heb een jaar geleden mijn huis gebouwd”, zei Ghateb Abu Nimah, een 46-jarige vader van veertien kinderen. “Ik heb gebouwd zonder vergunning. Dat is waar, maar als we om een bouwvergunning vragen, krijgen we die niet. Een maand geleden kreeg ik een brief dat ik zelf mijn huis binnen twee weken moest vernietigen. Anders zouden de bulldozers van de gemeente Jeruzalem dat doen. In mijn huis zijn tien kamers, waarin ook mijn drie getrouwde zonen wonen. Samen 24 mensen. Als de bulldozers komen ga ik niet uit mijn huis. Ik heb geen andere plek ter wereld. Ik zal me met mijn kinderen onder het puin laten bedelven.”

Dat is in verschillende varianten het verhaal van alle Palestijnse bewoners die een aanschrijving hebben gekregen.

De Israelische plannen om de illegaal gebouwde huizen in Za'im A-Tur met de grond gelijk te maken zijn niet de één of andere gril van de nieuwe Likud-burgemeester Ehud Olmert. Hij doet niets anders dan de politieke erfenis van zijn voorganger Teddy Kollek uit te voeren. Omsingeling van (Arabisch) Oost-Jeruzalem, door joodse wijken, landonteigening en strenge bouwbeperkingen voor de Palestijnse inwoners van de hoofdstad zijn de ingrediënten van de voortvarende, stelselmatige 'verjoodsing' van de stad, die onder Kollek met steun van alle Israelische regeringen na 1967 is begonnen. De huizen in Za'im A-Tur moeten van de aardbodem verdwijnen omdat zij op een gepland groot kruispunt van wegen liggen. Weg 45 zal volgens de gemeentelijke plannen de joodse wijk Gilo in Zuid-Jeruzalem met een kleine boog om Oost-Jeruzalem via Za'im A-Tur moeten verbinden met de snel expanderende grote joodse buurten in Noord-Jeruzalem.

“Het is Israels bedoeling deze noordelijke buurten te verbinden met de oostelijk van Jeruzalem gelegen stad Ma'ale Adomiem”, zegt Khalil Tufakji, een Palestijnse geograaf tijdens een gesprek in Orient House in Oost-Jeruzalem. “Israel wil Jeruzalem van het (Palestijnse, autonome) Jericho-gebied afsnijden”. Khalil Tufakji heeft uit Israelische archieven een indrukwekkende reeks gegevens bij de hand om de “verstikkingspolitiek van de Palestijnen” in Jeruzalem aan te tonen. “Wat er in Za'im A-Tur gebeurt is het topje van de ijsberg”, zegt hij. “Onze toekomst ziet er somber in Jeruzalem uit.”

“Tussen 1967 en 1994 is de joodse bevolking in Oost-Jeruzalem (in 1967 door Israel op Jordanië veroverd) van nul naar 162.000 gegroeid, terwijl de Palestijnse bevolking slechts van 80.000 tot 152.000 toenam”. Volgens Tufakji is sedert 1967 van de 70,5 vierkante kilometer land in Oost-Jeruzalem 70 procent in Israelische handen overgegaan door confiscatie, omzoming van gebieden waar Palestijnen niet mogen bouwen, aanleg van wegen etc. Slechts op tien procent van het grondgebied in Oost-Jeruzalem staat Palestijnse bouw. In de hoogte bouwen is voor de Palestijnen in dit stadsdeel niet toegestaan en het masterplan van Jeruzalem verstikt de Palestijnse bouw. Illegaal bouwen - dat gebeurt op vrij grote schaal - en vertrek uit Jeruzalem naar de westelijke Jordaanoever zijn zo langzamerhand de enige mogelijkheden voor de Palestijnen om aan onderdak te komen. “Israel heeft besloten de Palestijnen tot een minderheid van 22 procent in Jeruzalem (Oost en West) te reduceren”, zegt hij. “Nu zijn we nog 27 procent.”

Ibrahim Kare'en, een bekende Palestijnse journalist, zegt dat de “blijvende afsluiting van Jeruzalem van de Westelijke Jordaanoever” dit proces in de hand werkt. “De Palestijnse steden en dorpen rondom Jeruzalem komen tot bloei - restaurants, winkels, handel - omdat Jeruzalem vrijwel niet meer toegankelijk is voor Palestijnen van buiten de stad.” Maar ondanks al deze moeilijkheden gelooft Ibrahim Kare'en niet dat Oost-Jeruzalem voor de Palestijnen is verloren. Hij ziet het vredesproces als een onomkeerbare ontwikkeling waarin de Palestijnen in politieke zin uiteindelijk ook in Oost-Jeruzalem aan hun trekken zullen komen.

De Israelische bouw om Oost-Jeruzalem heen gaat regelrecht tegen deze Palestijnse aspiraties in. De belangrijke besprekingen in Parijs tussen Israel en de PLO met donor-landen liepen eind vorige week vast op Palestijnse ontwikkelingsplannen in Oost-Jeruzalem die ook zouden moeten worden gefinancierd uit de donor-kas. “Het was een vergissing van de Palestijnen om in Parijs de kwestie-Jeruzalem aan de orde te stellen. Er zijn belangrijker dingen”, zei Uri Savir, de directeur-generaal van het ministerie van buitenlandse zaken in Parijs.