Comeback-kid verruilt de donuts voor strategische trucjes

NEW YORK, 12 SEPT. Andre Agassi sloeg de korte bal vol op het lichaam van Michael Stich die naar het net was gekomen. De Duitser werd hard op zijn pols geraakt, liet zijn racket op de grond vallen, weigerde de excuses van Agassi en liep terug naar de baseline om te serveren. Drie punten later was hij zijn service-game kwijt, een game later de partij.

“Natuurlijk raakte hij me met opzet”, zei Stich. “Ik ben een grote vent en moeilijk te missen.” “Ik wilde het punt winnen, niet hem raken”, zei Agassi. “Ik hoef niet te winnen door opgave.” Het punt was niet beslissend, maar wel typerend voor de vastberadenheid waarmee Agassi op de baan stond. “Ik wilde dit, omdat ik het wilde.” De 24-jarige Amerikaan won gisteren in New York de finale van de Open Amerikaanse tenniskampioenschappen en verdiende daarmee 550.000 duizend dollar en een zeer vette bonus van zijn sponsor. Hij versloeg Stich in een eenzijdige partij binnen twee uur met 6-1, 7-6 en 7-5. Het was zijn tweede grand-slamtitel na Wimbledon 1992.

Hij gooide na het laatste punt zijn racket de lucht in, zakte door zijn knieën en stamelde. “Ik kan het niet geloven, ik kan het niet geloven.” Het was voorbij. Twee weken prachtig tennis, twee weken concentratie. Stich hielp hem overeind en omhelsde hem. Agassi maakte zich los uit de greep van zijn verslagen opponent en snelde naar de tribune om zijn vriendin Brooke Shields te knuffelen. En zijn masseur, zijn manager, zijn coach en zijn vader.

“Het gevoel is niet te omschrijven”, zei Agassi over de eerste seconden na overwinning. “Maar iedereen zal het op een verschillend niveau kunnen meemaken. Dromen vervullen is niet alleen voorbehouden aan sporters. En het gevoel zal steeds sterker worden. Morgen voel ik me nog beter.”

Terwijl Pete Sampras, Goran Ivanisevic, Boris Becker, Jim Courier en Stefan Edberg in een vroeg stadium verloren, bleek Agassi de afgelopen twee weken onstuitbaar. Hij stond nummer 20 op de ranglijst, was niet geplaatst en versloeg achter elkaar vijf wel geplaatste spelers. De comeback- kid won van veteraan Guy Forget, Wayne Ferreira, Michael Chang, Thomas Muster, zaterdag van Todd Martin en tenslotte van Stich.

“Niets valt te vergelijken met het winnen van Wimbledon”, vertelde Agassi. “Ik had daarvoor drie finales van grand-slamtoernooien verloren. Ik zou niet op gras kunnen winnen. Niemand dacht dat ik het hart had om zware wedstrijden te doorstaan. Maar hier winnen is het mooiste dat me kon overkomen na Wimbledon.”

Sinds hij in 1987 in Itaparica in Brazilië zijn eerste proftoernooi won, was Agassi voorbestemd voor het grote werk. Het natuurtalent kan alles met een tennisbal. Hij slaat zuiver en neemt de bal zo snel dat zijn tegenstanders weinig tijd krijgen om te reageren. Bovendien kan hij door zijn uitstekende return de krachtige en gevaarlijke services van Stich, zoals gisteren, en Goran Ivanisevic, op Wimbledon, neutraliseren. Alleen was het voor Agassi altijd een probleem zich wekenlang op één toernooi te concentreren.

Agassi heeft in de winter zes maanden niet kunnen tennissen wegens een polsblessure waarvoor hij ook geopereerd moest worden. In de tijd dat hij niet meedeed aan de tour, veranderde er veel. De dood van een vriendin, die met haar auto verongelukte, zette hem aan het denken. Toen hij zijn eerste toernooizege behaalde na zijn terugkeer, kreeg hij bij de prijsuitreiking een brok in zijn keel en droeg hij de trofee aan haar op. Haar dood, vertelde hij, had hem aan het denken gezet.

Hij brak met zijn vaste coach, Nick Bollettieri, en begon in maart samen te werken met Brad Gilbert, een 33-jarige oud-prof die zelf ooit ook nummer vier van de wereld was. “Ik mis Nick nog iedere dag”, zei Agassi die de breuk omschreef als een 'scheiding'. “Ik mis hem als vriend, als vader, maar niet als coach. Het ging hem uiteindelijk meer om zichzelf dan om mijn tennis.”

Gilbert, die zelf vooral een sluwe speler was, motiveerde Agassi tot hard werken en serieus tennissen. Agassi verruilde de donuts en taco's voor pasta en salade. Bovendien leerde Gilbert hem simpele, strategische trucjes. Hij moest bijvoorbeeld zijn eigen service effectiever gebruiken. Pas risico nemen als hij voorstond. Een hoog percentage goede eerste services (Agassi 67 tegen Stich 47), gaf Stich gisteren weinig kans om naar het net te komen.

Agassi overklaste Stich, die tot gisteren geen echte topspelers (Bryan, Black, Kafelnikov, Bjorkman en Novacek) was tegengekomen. Stich had net als Agassi na zijn zege op Wimbledon in 1991 ook geen grand-slamtitel meer behaald. Maar hij liet zich gisteren uit zijn spel brengen door beslissingen van de scheidsrechter, door de wind en door de ruim 20.000 enthousiaste Amerikanen op de tribune. Hij sloeg 48 onnodige fouten, verloor de rally's vanaf de baseline en was ook aan het net niet onpasseerbaar. Agassi won de eerste set gemakkelijk. In de tweede set werd Stich in de tie-break verslagen met een prachtige lob en een return-winner. In de derde set leverde de Duitser bij 5-5 zijn service in nadat Agassi hem op zijn pols had geraakt en serveerde Agassi daarna foutloos voor de overwinning.

Agassi had in 1990 in New York de finale gehaald, maar in drie sets verloren van Sampras. Dit jaar verloor hij in Parijs in de tweede ronde van Muster en op Wimbledon in de kwartfinale van Martin en vorig jaar in de eerste ronde van de Zweed Thomas Enqvist. Maar in de zomer, met een zege in Montreal, plukte hij voor het eerst de vruchten van zijn vernieuwde inspanningen.

“Het heeft me gehinderd dat er altijd zoveel verwachtingen waren”, zei Agassi. “Ik zou meerdere grand-slamtoernooien kunnen winnen. Ik zou de nummer twee achter Sampras moeten zijn. Ik ging de tennisbaan op en stapte boven op landmijnen van woorden als 'verwachting' en 'potentieel'. Dat verwoeste ieder verlangen om gewoon te doen waar ik van houd.”

De afgelopen maanden lijkt Agassi, met de vijf jaar oudere Brooke Shields aan zijn zijde, tot rust gekomen te zijn. Hij tennist niet meer voor zijn vader, die een tennisbal in de wieg hing en hem op zijn vierde al op de baan zette. Niet meer voor Bollettieri, die hem klaarstoomde voor de top, niet voor het publiek en de televisie, maar voor zichzelf.

Hij heeft nog steeds zijn paardestaart, zijn oorbel, zijn zwarte sokken en zwarte broek. Hij gooit na de partij zijn shirt in het publiek. Hij is 'de man die tennis in Amerika moet redden'. Met zijn tennis en zijn imago. “Ik baal er van dat iedereen het nog steeds heeft over de slogan imago is alles. Ik voel de druk niet. De sport redt het wel, ook als ik er niet meer ben.”