Vietnam wil hulp Westen bij oliewinning

BACH HO, 10 SEPT. Grigori Borisov was gewend zich door de ontberingen van Siberische toendra's heen te worstelen, waar hij bij 40 graden onder nul werkte in de oliewinning. Nu zoekt hij bescherming tegen de tropische hitte van de Zuidchinese zee, in een gekoelde ruimte op het Vietnamese olieplatform waar hij belast is met de bedrijfsvoering.

Borisov werkt voor VietSovPetro, een Vietnamees-Russische joint venture en de enige onderneming die in Vietnam op commerciële basis olie produceert. Als plaatvervangend chef zwaait hij de scepter over Platform-4, een roestig monument van verouderde technologie op het Bach Ho (Witte tijger) offshore-olieveld, 120 kilometer ten zuid-oosten van de Vietnamese haven Vung Tau.

Vietnam werd in 1991, toen zijn partner, de Sovjet-Unie, uiteenviel, gedwongen om naar een nieuwe bron van investeringen en technologie te zoeken om zijn olie-industrie te ontwikkelen. Olie is het belangrijkste exportartikel van Vietnam. Sinds 1991 heeft het land 27 exploratiecontracten met buitenlandse maatschappijen getekend om meer reserves te vinden. Sommige van de nieuwkomers - Aziatische, Europese en recentelijk ook Amerikaanse bedrijven - brachten geavanceerde boortechnieken en computer-werkstations mee om hun speurtocht naar olie te vergemakkelijken, maar tot dusver zijn de oude Sovjet-platforms de enige bronnen van de geliefde oliedollars.

Borisov's produktieplatform is een van de oudste in een groep van tien installaties op het Bach Ho veld. “Het is al acht jaar in gebruik. Het hele platform moet dringend gemoderniseerde en verbeterd worden”, zegt hij. Corrosie grijpt als een kankerproces om zich heen in de van Sovjet-staal gefabriceerde constructie. Medewerkers in de controle-kamer werken met ouderwetse meetinstrumenten en registreren met pen en papier, in plaats van computers. Buiten dragen de werknemers gympies in plaats van veiligheidsschoenen met stalen neuzen. Een kind kan zien dat het werken hier onveilig en rommelig is. “Als je VietSovPetro vergelijkt met geavanceerde Westerse oliemaatschappijen lopen wij duidelijk achter”, geeft Borisov toe, tijdens een gesprek in zijn benauwde kantoortje onder het helikopterdek.

Deze Rus, afkomstig uit het West-Siberische oliestadje Surgut, zegt dringend behoefte te hebben aan nieuwe pompen en compressoren van Duitse of Britse makelij, en hij hoopt binnenkort veel te leren van zijn collega's van het Amerikaanse concern Mobil en het Franse Total die belangstelling voor Vietnam hebben getoond. VietSovPetro is een relikwie van de broederlijke communistische banden die Vietnam met de voormalige Sovjet-Unie onderhield. De twee landen vormden deze gezamenlijke onderneming in 1981 om het Bach Ho veld, dat destijds door Mobil was ontdekt toen het nog tot Zuid-Vietnam behoorde, te exploiteren. Mobil vertrok toen de regering in Saigon in 1975 door de communistische legers uit het Noorden werd verdreven.

Van de 5.900 werknemers van VietSovPetro hebben één uit elke zes een nationaliteit van een van de voormalige Sovjet-republieken. Oekraïners, Azeri's en Russen zoals Borisov hebben de leiding over de Vietnamese olie-werknemers die de platforms in ploegendiensten van 15 dagen bemannen.

Platform-4 begon in 1987 olie naar boven te pompen. De bronnen eronder zorgen voor een dagelijkse stroom van 7.700 vaten olie per dag (159 liter per vat) die in tankschepen wordt overgeladen en aan land wordt gebracht. Behalve olie produceert de gigantische installatie 165.000 kubieke meter geassocieerd aardgas per dag, maar VietSovPetro heeft geen middelen om deze kostbare brandstof op te vangen en te transporteren. De hele gasproduktie gaat eenvoudig verloren door affakkeling (verbranding) op een hoog boven het platform uitstekende pijp waardoor constant een vlam van tien meter hoog zichtbaar is die 's nachts de wijde omgeving verlicht en de temperatuur nog verder opdrijft, net als op de overige negen platforms van het olieveld. Eind deze maand wordt deze verspilling beëindigd, als de pijpleiding wordt voltooid die Bach Ho moet verbinden met de havenstad Vung Tau, zegt Ngo Thuong San, algemeen directeur van VietSovPetro.

VietSovPetro wil in november beginnen met de olieproduktie op het 20 kilometer verder zuid-westelijk gelegen, kleinere offshore-veld Rong (Draak). Maar het bedrijf staat onder zware druk om eerst de 300 miljoen dollar te reserveren die het nodig heeft om het Bach Ho veld verder te ontwikkelen en de installaties te moderniseren.

Als de offshore-werkers hun 12-urige werkdag erop hebben zitten, doden ze in een kleine recreatiezaal de tijd met videofilms, een spelletje ping-pong of een duik in het zwembad. Alcohol is verboden en persoonlijke contacten zijn schaars. Een portret van de Grote Leider Ho Chi Minh is de enige versiering in het kale vertrek dat het stroomaggregaat huisvest. Op het bureau in de controlekamer voor de pompen biedt een pasfoto van een topless meisje de enige afleiding.

Voor de 62 mannen op het platform betekent deze baan, ver van de bewoonde wereld, telkens een lange periode zonder vrouwen, behalve de drie aanwezige huishoudsters. De meesten lijken daar niet onder te lijden. “Voor Vietnamezen betekent een dienst van 15 dagen niks”, zegt technicus Vu Hai Dang. “Als je terugdenkt aan de Vietnam-oorlog valt dit erg mee. Toen waren de soldaten heel wat langer aan het front.” (AP)