Toch betoging tijdens bezoek aan Frankrijk van Chinese president

PARIJS, 10 SEPT. De Franse autoriteiten zijn gisteren teruggekomen van hun voornemen om alle demonstraties tegen het bezoek van de Chinese president Jiang Zemin te verbieden. Aan de andere kant onthielden president Mitterrand en minister van buitenlandse zaken Alain Juppé zich in gesprekken met Jiang van commentaar op het Chinese mensenrechtenbeleid. De Franse regering heeft handel gekozen als centraal thema van het Chinese bezoek, en hoopt op afsluiting van een aantal lucratieve contracten nu de bilaterale ruzie over de Franse levering van gevechtsvliegtuigen aan Taiwan is bijgelegd.

De Franse politie had oorspronkelijk alle demonstraties in het land gedurende Jiangs vijfdaagse bezoek verboden. Daarmee reageerde ze op de protesten van mensenrechtenactivisten in Duitsland in juli die Jiang zo irriteerden dat hij zijn officiële bezoek vervroegd afsloot. Franse organisaties beschuldigden Parijs ervan te buigen voor druk van Chinese functionarissen die een soortgelijke situatie wilden voorkomen. Een functionaris van het Chinese ministerie van buitenlandse zaken zei dat zowel China als Frankrijk “graag wil dat dit bezoek goed verloopt”. “Het verbod was een simpele zaak. Dit is normaal”, aldus woordvoerder Wu Jianmin. Franse activisten onderstreepten echter dat “Frankrijk zijn waardigheid verliest voor geld”.

Gisterochtend echter versoepelde de Franse regering haar houding, en stond zij ongeveer 200 activisten toe een protestmars te houden in het westen van Parijs, van een plein in de buurt van de Chinese ambassade naar het Mensenrechtenplein. Zij droegen de rood, geel, blauwe Tibetaanse vlag en scandeerden “China weg uit Tibet” en “Laat de gevangenen gaan”. Ook refereerden ze aan het neerslaan van de democratiseringsbeweging op het Plein van de Hemelse Vrede in juni 1989.

Jean Levy, Mitterrands raadgever in Chinese aangelegenheden, had vóór het 70 minuten durende gesprek tussen de twee presidenten gezegd dat van Franse zijde de kwestie van de mensenrechten “zonder twijfel” zou worden aangeroerd. Maar de Chinese woordvoerder zei na afloop dat het onderwerp niet ter sprake was gekomen. Wel verwees Mitterrand later tijdens het staatsbanket indirect naar de mensenrechten: “Frankrijk heeft niet de gewoonte lessen te geven”, zei hij. Vervolgens onderstreepte hij “de nauwe banden die bestaan tussen de economische ontwikkeling, de politieke democratie en de individuele en publieke vrijheden”. Jiang op zijn beurt meende dat er op het gebied van de mensenrechten geen groot verschil van mening bestond tussen de twee landen.

Beide presidenten spraken van de nieuwe kansen voor economische samenwerking nu de relaties zijn aangetrokken. Mitterrand stelde dat de Franse industrie een grotere rol diende te krijgen in de Chinese economische ontwikkeling. Frankrijk staat nu op de 11de plaats op de ranglijst van China's leveranciers. (AFP, Reuter, AP)