Realistisch Rotterdams tuig

Voorstelling: Tuig van Barrie Keeffe door RO Theater. Vertaling en bewerking: Aat Ceelen; regie: Ruurt De Maesschalck; decor: Gies van de Kamp; spel: Mike Winter, Berco van Rheeden, Edward Haak. Gezien: 8/9 't Klooster Afrikaanderplein 7 Rotterdam; aldaar t/m 10/9, daarna elders in Rotterdam t/m 24/9; in okt. in De Engelenbak in Amsterdam. Reserveren: 010-4116466.

Het RO Theater, het stadsgezelschap van Rotterdam, heeft in de loop der jaren een feilloos gevoel ontwikkeld voor de smaak van een breed Rotterdams publiek. In een poging die kring van geïnteresseerden nog verder uit te breiden trekt de groep de komende weken oude Rotterdamse wijken in om daar in buurthuizen een reeks voorstellingen te geven voor jongeren van wie het merendeel nog nooit een schouwburg van binnen heeft gezien.

Met Tuig, het stuk waarmee het RO de nieuwe doelgroep voor zich probeert te winnen, is gekozen voor een confronterende aanpak. Zo heeft Aat Ceelen de oorspronkelijke tekst van Barrie Keeffe omgezet in plat Rotterdams en de Engelse situatie verplaatst naar Rotterdam-Zuid. Uit die omgeving zijn ook de drie hoofdrolspelers afkomstig, jongens zonder professionele theaterervaring die zich samen met zo'n honderd anderen hadden aangemeld voor een van de rollen.

Het is een opzet die doet denken aan Klassestrijd, een eveneens door jongeren gespeelde voorstelling waarmee het RO elf jaar geleden Rotterdamse buurthuizen bezocht. Ook de thematiek is vergelijkbaar: het uitzichtloze bestaan van slecht geschoolde jeugd in kansarme buurten waar het nauwelijks mogelijk lijkt te ontsnappen aan de vicieuze cirkel van werkloosheid, verveling en geweld.

Het meest trieste van de in Tuig geschetste situatie is dat de agressie tegen de maatschappij van deze sociale outcast uiteindelijk in zelfdestructie ontaardt. De aanvankelijke vriendschap en solidariteit tussen de drie Feyenoordsupporters die op een door hekwerk omrasterd bouwterrein (een realistisch ogend decor van Gies van de Kamp) de tijd verdrijven met branie-achtig gedrag en kankeren op de wereld, blijkt op den duur al net zo inhoudsloos als hun gebluf. Zo leidt een onbeduidend incident ten slotte tot een vechtpartij waarbij de een de ander aftuigt terwijl nummer drie onverschillig toekijkt.

Het is een spannend moment in de voorstelling, niet alleen omdat de scène zo beklemmend is maar ook omdat ik hier even het gevoel kreeg dat de jongens hun rol de baas zijn. Vaak lijkt dat nog niet helemaal het geval. Hoewel ze onder leiding van RO Theater-acteur Ruurt De Maesschalck gezocht hebben naar een zo realistisch mogelijke speelstijl maakt hun spel een nog te ingestudeerde indruk. Het zal hun gebrek aan spelervaring zijn, hetgeen zich ook uit in slechte verstaanbaarheid. Tegelijkertijd bepalen dit soort oneffenheden juist de charme van deze voorstelling. Wellicht wordt het de buurthuisjongeren zo zelfs makkelijker gemaakt zich met de drie figuren te identificeren en hun problemen te herkennen.