Met Wired-uitgever Rosetto kletsen over 'virtual reality'

Beeldstorm, zondag, Ned.3, 20.47-22.00u.

Stel, er was een toonaangevend Amerikaans tuinblad dat aan het tuinieren een buitengewoon heilzame werking toeschreef: niet alleen werd tuinieren erin beschreven als goed voor de conditie van zowel de tuin als zijn verzorgers, ook zou het geestelijk welzijn van de volhardende tuinier met sprongen vooruitgaan. Sterker nog, als iedereen ter wereld zich in de toekomst een paar uur per dag serieus over zijn tuin zou ontfermen, dan zou die wereld er volgens dat blad een stuk vreedzamer uitzien. Tuinieren als ideologie, kortom. Zou de VPRO-televisie aan zo'n verschijnsel een uitzending van ruim een uur besteden? Waarschijnlijk niet.

In de Verenigde Staten bestaat bij mijn weten niet zo'n tuinblad, maar wel een blad dat aan een samenleving volgestopt met nieuwe communicatietechnologie zo'n paradijselijke utopie verbindt. Het blad, Wired geheten, vormt het uitgangspunt voor een documentaire van ruim een uur, die de VPRO-tv morgenavond uitzendt. In het programma, deel 2 van de 'Beeldstorm'-serie, neemt Wired-uitgever en -hoofdredacteur Louis Rosetto het Nederlandse camerateam mee naar 'een aantal door hem geselecteerde deskundigen' - aldus het begeleidend persmateriaal - op het vlak van de moderne media. Wie het colofon van Wired raadpleegt, treft daarin de namen van de drie door de hoofdredacteur geïnterviewden aan. Het kan natuurlijk dat Rosetto erin is geslaagd alle deskundigheid die in de VS op dit specifieke terrein voorhanden is aan zijn blad te verbinden. Maar dan rijst de vraag waarom de VPRO deze Rosetto zijn medewerkers laat ondervragen, in plaats van zèlf de vragen te stellen.

De eerste en tegelijk minst onsamenhangende spreker in het programma is Kevin Kelly, oprichter van The whole earth catalogue, schrijver van Out of control en... 'executive editor' van Wired. Hij is prediker van de 'digitale revolutie' en de pioniers die zich bezig houden met virtual reality, surfen op het Internet of het stichten van een virtual community, zijn Kelly's helden. Zijn geloof in vergroting van de individuele creativiteit naarmate de netwerken uitbreiden, gaat er bij gesprekspartner Rosetto in als Gods woord in een ouderling. Volgen nog twee futurologen, die zo mogelijk nog dweperiger de lof zingen van de zegeningen van de informatiemaatschappij. Maar de meest brandende vraag wordt niet gesteld: Waar heb dit allemaal voor nodig?