Jachtbouw rekent op babyboomers

AMSTERDAM, 10 SEPT. De Nederlandse jachtbouwers kijken reikhalzend uit naar de babyboomers. Deze dikwijls goed opgeleide en goed verdienende veertigplussers gaan volgens de voorzitter van de Hiswa-vereniging A.A. Taselaar de komende jaren veel geld uitgeven aan bijzondere vakanties, tweede huizen, duurdere auto's én jachten van meer dan een ton. Het zou de Nederlandse jachtbouw een extra impuls kunnen geven, want hoewel de sector conjunctuurgevoelig is, was de afgelopen jaren tijdens de economische dip weinig te merken van een terugval van de nautische orderportefeuille.

Integendeel, de tendens van de kooplustige watersportliefhebber neigt naar steeds groter en luxueuzer, waarbij ook fors wordt geïnvesteerd in accessoires als het Global Position System (GPS), waarmee via de satelliet de positie op het water binnen een marge van slechts enkele tientallen meters waar ook ter wereld nauwkeurig kan worden bepaald.

In drommen schuifelen de toeschouwers door het Nautisch Kwartier bij de Amsterdamse IJ-tunnel langs de nieuwste snufjes. Tot en met morgen wordt daar de elfde Hiswa te Water georganiseerd, een expositie die jaarlijks het vrijwel constante aantal van 30.000 bezoekers trekt. Veel van hen zijn na een dit jaar wel erg fraaie zomer op het water op nieuwe ideëen gekomen om weer eens fors in hun hobby te investeren. “September is psychologisch de beste tijd om een dergelijke show te organiseren. Dan komen de mensen net van vakantie terug van het water” zegt een Hiswa-medewerkster. “In zijn soort is dit de grootste 'natte bootshow' van Europa. Dat er weinig verloop in het aantal bezoekers is komt omdat hier vrijwel uitsluitend mensen komen kijken die al een boot hebben. Deze show wordt bezocht door zeilers, niet door dagrecreanten.”

Niettemin wordt op de expositie duidelijk dat het een overwegend kapitaalkrachtige groep betreft die de liefde voor de watersport kan combineren met een respectabele bankrekening. Een pleziervaartuig is tenslotte geen goedkope liefhebberij. Wie langs de steigers wandelt, ontwaart voor zelfs betrekkelijk eenvoudig uitgevoerde motorjachten of kajuitzeiljachten al snel prijzen die variëren van tussen de 200.000 en 350.000 gulden. Zelfs fors bijkomende kosten als afschrijving, renteverlies, verzekeringen, onderhoud, stalling, liggeld, diesel en sluisgeld neemt de gefortuneerde watersporter blijkbaar op de koop toe.

Langs anderhalve kilometer drijvende steigers worden dit jaar in Amsterdam 302 boten tentoongesteld door 188 bedrijven. Variërend in prijs van veertig mille voor een zeewaardig jachtje van zeven meter tot 4,7 miljoen gulden voor de Moonen 82, een luxueus zeewaardig motorjacht van bijna 25 meter lengte.

Niettemin ontbreken gerenommeerde botenbouwers als het Engelse Westerly en het Zweedse Maxi dit jaar in het Nautisch Kwartier. De organisatie heeft er geen verklaring voor hoe dat komt. Taselaar moet ook het antwoord schuldig blijven op de vraag hoeveel er eigenlijk precies aan geld omgaat in deze sector. “Met name de handel met de lidstaten van de Europese Unie maken de bewegingen in de markt op dit moment wat ondoorzichtig”, verklaart de Hiswa-voorzitter. “We willen daar verandering in aanbrengen. We zijn bezig met het opzetten van een systeem van cijfermatige verwerking binnen de eigen achterban.”

Wel is volgens Taselaar duidelijk dat na een minder florissante periode begin jaren negentig de markt voor jachten halverwege '93 weer is aangetrokken. Hoewel het per definitie een sector betreft die niet gedijt bij economische onheilstijdingen genereerden de bedrijven die in Nederland actief zijn op het gebied van jachtbouw en jacht- en motorenimport in het slechte jaar 1992, toen de watersportbranche wél cijfers publiceerde, een gezamenlijke omzet van ruim 1,1 miljard gulden. Daarbij werd voor 890 miljoen gulden aan nieuwe schepen afgeleverd.

Dat de recessie van begin jaren negentig de kooplust nauwelijks heeft aangetast heeft volgens Taselaar echter ook een andere reden. “Een boot kopen is voor de meeste mensen niet domweg een kwestie van geld uitgeven. Het is vaak meer de vraag hoe je je leven wilt inrichten. Ik ken mensen die hun huis van de hand hebben gedaan om op een boot te gaan wonen. Dat was een hele bewuste keus.”