Buien en windstoten

Gelukkig komen wij de laatste maanden wat minder berichten tegen over de potentiële successen van ,change-management'. Dat is maar goed ook. Westinghouse heeft de afgelopen tien jaar drie keer laten weten dat het zich een geheel nieuwe identiteit had aangemeten en drie keer bleven de resultaten beneden verwachting. Kennelijk zijn organisaties organischer dan men denkt, vallen processen ingewikkelder uit dan ze zich laten aanzien en zit er teveel gevaar in het detail.

Koninklijke Textielgroep Twenthe uit Almelo weet daarover mee te praten. De groepsresultaten zijn gedrukt door het slechte weer in het begin van dit jaar. De werkmaatschappij Summerset, die o.a. kussens voor tuinstoelen maakt, heeft zijn vingers gebrand aan de regen met Pasen. Dat is belangrijk omdat koopbeslissingen in deze sector hoofdzakelijk met Pasen worden genomen. ,Slecht weer is dodelijk' , zegt statutair directeur R.M.A. van den Ouweelen. Hij vreest dat dit jaar bovendien de sector bedmode in het gedrang kan komen omdat het deze zomer te warm was. Het is ook nooit goed.

,De essentie is dat onze textielbranche een overgang van ambachtelijkheid naar kennisgevoeligheid moet realiseren. In feite is de produktie en verkoop van textiel en kleding een afgeleide activiteit. Onze kerntaak is het managen van complexe processen. Daarvoor heb je medewerkers nodig die zelfstandig problemen kunnen oplossen en keuzen kunnen maken', aldus van den Ouweelen.

De Almelose groep (400 man, 118 miljoen gulden omzet) streeft dan ook naar een structuur waarbij aanpassingen op grond van externe omstandigheden min of meer vanzelf tot stand komen. Met andere woorden: het bedrijf gaat niet de omgeving te lijf maar werkt met de omgeving samen. Een voorbeeld zijn de lage lonen in Oost-Europa. De groep beschouwt het feit dat er op anderhalve dag rijden van Overijssel uurlonen van 1, à 5, worden uitbetaald als een fact-of-life. Dat manifesteert zich op twee manieren: gedeeltelijke overheveling van (massa)produktie naar Oost-Europese landen en Nederlandse niche-produktie in de sectoren met een hoge toegevoegde waarde. Een tweede fact-of-life is de toenemende schaarste aan katoen waardoor de afzet op nieuwe markten op zijn minst gelimiteerd wordt. Een derde is de bedrijfscultuur. De textielindustrie in Nederland heeft te maken met een slechte reputatie, te wijten aan overheidssteun, lage lonen, patriarchale verhoudingen, enz. Nogal wat ondernemingen nemen een beperkte maatschappelijke verantwoordelijkheid op zich.

Overleven temidden van deze ,onomstotelijke waarheden' vereist allereerst een slanke organisatie. De holding van Textielgroep Twenthe bestaat uit zes man en bemoeit zich hoofdzakelijk met personeelsbeleid en financiën. Er worden geen holdingkosten doorberekend. De zeven werkmaatschappijen staan in voor hun eigen inkoop, produktie, marketing en verkoop. Zij hebben ieder slechts één directeur.

Er is geïnvesteerd in personeel. Drie procent van de loonsom wordt jaarlijks opzij gezet voor (vrijwillige) scholing en opleiding. Diegenen die dat willen kunnen zich regelmatig op Papendal melden voor een Active-living programma. In Twenthe gelooft men niet zozeer in ,economies of scale' als wel in ,economies of skill'.

Men heeft de traditionele tweedeling tussen thuismarkt en exportmarkt opgeblazen. Produceren op kleinere schaal betekent dat er slechts ,target-accounts' bestaan afgezien of die nu in het binnen- of buitenland bediend moeten worden.

Van den Ouweelen put zijn inspiratie ondermeer uit het Deense textielbedrijf Novotex, waar de klanten al langskomen om mee te denken in de ontwerpfase. De werksfeer is open en ontvankelijk (alleen de financieel directeur heeft een eigen kamer) en iedereen valt voor iedereen in.

Succesvol change-management gaat niet over één nacht ijs. Vier elementen moeten een hoofdrol spelen: duidelijkheid over de maatstaven waarmee prestaties worden beoordeeld, talent van het management om te coachen in plaats van op te dragen, vertrouwen in de onderlinge verhoudingen en, tenslotte, de ontwikkeling van een werkklimaat waarin medewerkers uit zichzelf streven naar betere prestaties. Dit doe je niet zomaar.

Het is een lange weg, met buien en windstoten. Voor de textielbranche wordt bovendien een stevige regenjas aanbevolen.