Winkel van Breitner aan vooruitgang ten onder

ROTTERDAM, 9 AUG. Het familiebedrijf Van Beek, dat een begrip is bij grafici en beeldend kunstenaars, is een jaar voor het eeuwfeest ten onder gegaan. Volgende week dinsdag spreekt de Amsterdamse rechtbank hoogstwaarschijnlijk het door de directie aangevraagde faillissement uit voor de 99 jaar oude leverancier van grafisch materiaal.

De vijf winkels van Van Beek in Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht en Eindhoven zijn inmiddels gesloten, waardoor onder de zestig werknemers volgens een woordvoerder “een begrafenisstemming” heerst. Van Beek is in de problemen gekomen doordat de automatisering van het drukproces veel grafische spullen overbodig heeft gemaakt. “De realiteit heeft ons ingehaald”, zegt een woordvoerder.

De familie Van Beek begon in 1895 een winkel voor schildersspullen in de Amsterdamse wijk De Pijp, waar destijds veel toneelspelers, prostituées en kunstenaars zoals de schilder-fotograaf Mondriaan en de schrijver Israël de Haan woonden. “De schilder Breitner was een van de allereerste vaste klanten in de zaak. Het wrange is dat we om die reden iets publicitairs hadden willen doen met de Breitner-tentoonstelling in het Stedelijk Museum”, zegt de woordvoerder.

De grote bloeiperiode begon na de Tweede Wereldoorlog. De ondernemer Nip, die was getrouwd met een vrouwelijke nakomeling van de familie Van Beek, bouwde de onderneming grootscheeps uit. De familie Nip is op dit moment grootaandeelhouder van wat inmiddels Van Beek Graphic Art Supplies is gaan heten. De firma verkoopt niet alleen teken- en schildersmateriaal maar ook allerlei spullen die nodig zijn voor het handmatig opmaken, van letters tot stoelen. “Van Beek heeft niet alleen de winkels, maar levert ook aan de reclamewereld en voor het hele pre-press-gebeuren”, licht de woordvoerder toe.

De opkomst van desk-top-publishing en de verregaande automatisering van het drukproces heeft veel opmakers overbodig gemaakt en daarmee hun werktuigen. “Het is jaren goed gegaan en juist dan is het zaak scherp te blijven”, aldus de woordvoerder, die laat doorschemeren dat dit te weinig is gebeurd. Vorig jaar hebben een interim-controller en interim-manager van accountantsfima Moret getracht het tij te keren, maar zij werden er wegens gebrek aan succes door de familie Nip uitgezet. De interim-directeur die begin 1994 aantrad had geen tijd meer: “Het ging de laatste tijd juist wat beter, maar het kapitaal dat de aandeelhouders erin moeten stoppen ontbrak”.

Van Beek verwacht dat bepaalde delen van het bedrijf het faillissement zullen overleven, zoals bijvoorbeeld de winkels. De woordvoerder: “Er zijn hier al partijen over de vloer geweest die bepaalde onderdelen willen hebben. Bij de winkels zit het probleem niet en ik verwacht dat een eventuele nieuwe eigenaar de naam handhaaft.”