Islam en Vaticaan

Hoewel de bijdrage van Mario Vargas Llosa in NRC Handelsblad van 5 september veel waars bevat, bewijst zijn vergelijking van de zogenaamde moslim-fundamentalisten met het Vaticaan zijn onkunde bover de islam. Nog afgezien van de vraag wat hij precies bedoelt met fundamentalisme, is zijn projectie van de hiërarchische macht, het doctrinair absolutisme en de grenzeloze missioneringsdrift van Rome op de islam onterecht. De invloed van al-Azhar is niet te vergelijken met die van het Vaticaan, de islam kent geen pausen of priesters en is in veel mindere mate missionair dan het christendom.

In de koran wordt de principiële gelijkwaardigheid en de rechtsbevoegdheid van man en vrouw erkend. Het is de veelal verstarde, sterk paternalistische interpretatie ervan, die vrouw-onvriendelijk uitpakt. Desondanks wordt erkend dat de profeet Mohammed het gebruik van anti-conceptie impliciet heeft toegestaan en kennen vrijwel alle moslimlanden, inclusief Iran, een overheidsprogramma voor gezinsplanning. Het mag inmiddels duidelijk zijn geworden dat 'de islamitische wereld' zich niet tegen de bevolkingsconferentie verzet. Zelfs veel van de protestbewegingen, die door buitenstaanders als 'fundamentalistisch' worden betiteld, zijn voorstanders van een rationeel bevolkingsbeleid - zeker meer dan de paar ultra-orthodoxe overheden die zich nogal eens willen opwerpen als beschermers van de islam.

De blinde, hysterische haat tegen de islam waarvan het stuk van Vargas Llosa doordrongen is, draagt niet bij aan respect voor mensenrechten of een oprechte en realistische dialoog.