Cubaanse Tinguely's

Tot de mooiste kunstwerken van 1994 - hoewel het seizoen nog moet beginnen weet ik dat zeker - horen de vaartuigen die nu door de Cubanen worden gebouwd om daarmee naar Florida over te steken. Uit de foto's in de kranten krijg je de indruk dat er een generatie Tinguely's is opgestaan die zich toelegt op de bouw van machines te water. Materiaal van dezelfde categorie die de onovertroffen Zwitser heeft gebruikt om zijn 'werktuigen met vakantie' te bouwen - alles uit de dump of regelrecht uit het grof vuil afkomstig - wordt in Cuba tot vaartuig gereclyceerd. Absurd, ironisch, paradoxaal, wrang, hoe je het wilt noemen: al die prachtige constructies dienen om het land te bereiken waar de opvarenden gaan sparen om op den duur auto's en andere robotprodukten te kopen waar niets aan te zien is.

Het lot van de Cubanen is dat ze voortdurend zijn bewonderd en bijgevallen, òf omdat ze iets hadden ondernomen dat mislukte, òf omdat ze iets hadden gedaan dat wel lukte terwijl ze liever iets heel anders hadden gedaan. Het is begonnen met de Revolutie. De goede resten daarvan zijn tragisch om te zien: een voorbeeldige gezondheidsdienst met lege apotheken. Daarna kwam de Amerikaanse blokkade. Het gevolg daarvan is dat in Havana tot op de dag van vandaag het laatste model Amerikaanse auto uit 1959 dateert. Van buiten zien ze eruit als goed onderhouden DeSoto's en Dodges waarvan een verzamelaar zal watertanden, maar door de afwezigheid van reserveonderdelen is in de loop van vijfendertig jaar onder de motorkap alles herbouwd. Met behulp van het onwaarschijnlijkste sloopmateriaal - uit ijskasten, naaimachines, stofzuigers - zijn die dingen rijdend gehouden. Onzichtbare mechanische wonderen waarvan de buitenkant een 'toeristische attractie' is waarvoor de camera wordt getrokken.

Intussen heeft de vader van de Revolutie ook een uitvinding gedaan: hij beschiet als het ware de vijandelijke kust met mensen, wat hem mogelijk wordt gemaakt omdat ze in Florida ook geen Cubanen meer kunnen gebruiken. Om deze beeldspraak nader te verklaren: de mensen moeten hierbij worden gezien als de explosieve lading en dan wordt het aan henzelf overgelaten hun projectiel te maken. De lading die zelf het projectiel maakt: uniek in de geschiedenis van de ballistiek. Zo ontstaan de Tinguely-vlotten die weer onze bewondering oogsten.

In de Herald Tribune van drie september staat een reportage. Nadat de verslaggever een opsomming heeft gegeven van de onwaarschijnlijke variatie van onderdelen, schrijft hij: 'De som van dit alles is een twaalfvoets vaartuig, een schoonheid die toch niet meer dan 96 arbeidsuren heeft gekost. En nu het werk is gedaan staan de bouwers gereed om de riemen te pakken, voor de tocht naar het Amerikaanse interneringskamp aan de baai van Guantanamo. “Dit is een Cubaanse Kon-Tiki. Als het moet kunnen we ermee naar Europa varen,” zegt Diosdado Fernandez, een vijftigjarige ijskastenmonteur. Zo'n vlot moet wel stevig zijn. Er gaan verhalen over armen en benen die zelfstandig drijvend in zee zijn gevonden: de resten van een haaienmaaltijd.' Aldus de Tribune. Geen wonder dat zo'n vlot er prachtig uitziet.

In de slapstick-films zie je behalve het smijten met taarten - een subgenre van humor - nog een subgenre, meestal bestaande uit een twoliner. A spreekt zijn bewondering uit voor het een of ander dat B toebehoort, en dan verklaart B dat dit een of ander helemaal niet de bedoeling heeft om bewondering te wekken; of andersom. Groucho Marx was er sterk in; een voorbeeld wilde noch mij noch de geraadpleegde deskundigen te binnen schieten. Schoonmoeders spelen er vaak een rol in. Je lacht erom, maar als je er goed over nadenkt en je je voorstelt dat je dezelfde situatie in het werkelijke leven meemaakt, als hoofdpersoon of als getuige, valt er niets meer te lachen.

Zo valt er aan de geniale Cubaanse vlotjes goed beschouwd niets te bewonderen, hoe 'mooi' ze ook mogen zijn. Het zijn wanhoopsvaartuigen (waaruit opnieuw blijkt dat op wanhoop vaak creativiteit volgt). Maar misschien valt er iets te minachten: in de bewonderaars die de Cubaanse bouwers tot hun constructies hebben genoodzaakt.