Commotie over levensduur Philips-lamp

ROTTERDAM, 9 SEPT. Er zijn omstreden verhalen die zo hardnekkig zijn dat ze het eeuwig leven lijken te hebben, door Flaubert idées reçues gedoopt. Het klassieke voorbeeld van het eeuwige misverstand uit de Nederlandse bedrijfshistorie is de beschuldiging aan het adres van Philips dat het concern om voor de hand liggende commerciële redenen de levensduur van lampen bewust laag houdt. Een verhaal dat met enige regelmaat de kop opsteekt en waarin met gemak een samenzwering van het grootkapitaal tegen de machteloze, domme massa gelezen kan worden. Dank zij een voetnoot in een vandaag gepresenteerd proefschrift krijgt het hardnekkige misverstand over Philips weer een nieuwe - eveneens omstreden - wending.

Vanmiddag verdedigde ir. L.P. Molenaar, leraar scheikunde aan het Erasmiaans Gymnasium in Rotterdam, aan de Universiteit van Amsterdam zijn proefschrift over het Verbond van Wetenschappelijke Onderzoekers (VWO), een vereniging van kritische Nederlandse wetenschappers die in 1946 werd opgericht. In voetnoot 64 bij hoofstuk 4 van het wetenschappelijke werk wordt de suggestie gewekt dat Philips niet, zoals het verhaal lange tijd wilde, de levensduur van gloeilampen bewust laag hield, maar dat de commerciële afdelingen de technici opdracht gaven de levensduur van TL-buizen kort te houden.

Eerst het oude misverstand. Het verhaal over de gloeilamp leidde al in 1954 tot grote commotie in Nederland. Op een congres van het Verbond in Den Haag kwam de socioloog Wertheim op de proppen met een citaat van Anton Philips uit de jaren dertig waarin de mede-oprichter van de gloeilampenfabriek zich beklaagde over de steeds langere levensduur van de peertjes. De toenmalige minister van economische zaken J. Zijlstra gelaste onmiddellijk een diepgaand onderzoek naar de beschuldiging dat Philips bewust slechte lampen produceerde. Na het onderzoek concludeerde Zijlstra evenwel dat er met de gloeilampen niets aan de hand was. De lampen van Philips waren gebaseerd op een alleszins aanvaardbaar compromis tussen prijs en levensduur. Einde affaire.

Onderzoek van promovendus Molenaar in het archief van Wertheim leerde echter dat de socioloog niet alleen beschikte over de citaten van Anton Philips uit de jaren dertig maar dat hij in de na-oorlogse periode ook had gesproken met verontruste Philips-ingenieurs die op last van het bedrijf de levensduur van de net geïntroduceerde TL-buis laag hielden door kathodes te maken die het sneller begaven dan noodzakelijk was. Wertheim zou die informatie in 1954 achter gehouden hebben om zijn bronnen bij Philips in bescherming te nemen.

Op 4 februari 1993 legde Molenaar de oude beschuldigingen voor aan prof. H.B.G. Casimir, in de jaren vijftig directeur van het Natuurkundig Laboratorium van Philips. Volgens Molenaar bevestigde Casimir de lezing van de Wertheim-informanten. Zijlstra had zich destijds dus beter op de TL-lampen kunnen richten, concludeert Molenaar vervolgens. Het eeuwige misverstand was dus helemaal geen misverstand, het was slechts onnauwkeurig.

Voor alle zekerheid toch maar Casimir gebeld. Na lezing van de bewuste voetnoot concludeert deze volstrekt verkeerd te zijn geciteerd. “Dit is niet wat ik zelf heb gezegd. We zijn zeker niet onder druk gezet door de commercie om de levensduur van de TL-buizen af te knijpen. Mijn herinneringen zijn een geheel andere.”

Volgens Casimir zat het zo. De gloeilamp had na de oorlog een levensduur van 1.000 uur. De eerste TL-buizen gingen 2.000 uur mee. Dat was zo'n enorme vooruitgang dat niemand op het idee kwam de levensduur nog verder op te rekken. De ingenieurs probeerden het oorspronkelijk door het Amerikaanse Sylvania geïntroduceerde produkt wel te verbeteren, maar richtten zich uitsluitend op de kleur van het licht. De grote kentering kwam toen de Amerikanen Philips plotseling opnieuw voorbijstreefden met een TL met een levensduur van 8.00O uur. “Toen we zagen dat het mogelijk was en de concurrentie ons in het nauw bracht, zijn we snel aan de slag gegaan om de levensduur te verlengen. Dat heeft toen enkele jaren, in ieder geval enkele maanden in beslag genomen.” Molenaar was vanochtend niet voor commentaar bereikbaar. Philips in Eindhoven wilde niet op de TL-historie ingaan.