Mondiale afkoeling tot 8000 jaar gemeten met jaarringen

Twee geofysici van het California Institute of Technology in Pasadena (VS) hebben uit jaarringen het verloop van de gemiddelde temperatuur in de afgelopen 8000 jaar afgeleid.

Zij gebruikten hout van stammen van de bristlecone pine (Pinus longaeva) in de White Mountains in Californië. Exemplaren van deze dennesoort kunnen ruim 5000 jaar oud worden. Het variatiepatroon in de dikte van de jaarringen (door wisselende weersinvloeden) is bij deze boom nu tot 8000 jaar geleden goed bekend. De twee onderzoekers, Xiahong Feng en Samuel Epstein, namen houtmonsters die telkens een periode van 50 jaar bestreken en maten daarin de verhouding tussen de twee stabiele isotopen van waterstof: deuterium (zware waterstof) en 'gewone' waterstof. Deze verhouding weerspiegelt de neerslag die ten tijde van de groei van de jaarringen viel. Hij hangt rechtsreeks samen met de temperatuur die toen in dit gebied heerste. Hoe hoger de gemeten verhouding, des te hoger was de gemiddelde temperatuur. Uit de metingen blijkt dat de temperatuur in dit gebied 8000 jaar geleden steeg, totdat ongeveer 6800 jaar geleden een maximum werd bereikt. Tussen 2000 en 400 jaar geleden bleef de gemiddelde temperatuur in de White Mountains vrijwel constant. Rond het jaar 1600 begon een betrekkelijk snelle afkoeling, die ongeveer twee eeuwen duurde, daarna is de temperatuur weer iets gestegen (Science 265, p. 1079). Het voor dit gebied bepaalde temperatuurverloop komt goed overeen met dat welke men heeft afgeleid uit andere klimaatindicatoren voor de White Mountains en daarbuiten. Dit wijst volgens de onderzoekers op zowel de betrouwbaarheid van de door hen gebruikte isotopen-methode als op het mondiale karakter van de afkoeling. Die volgde op de snelle en flinke temperatuurstijging na het einde van de laatste ijstijd: zo'n 10.000 jaar geleden.De afkoeling zette niet overal op aarde op hetzelfde moment in. Zo blijkt uit een ijskern van Devon Island, in het hoge noorden van Canada, dat de afkoelingstrend dáár 2000 jaar later dan in de White Mountains inzette. Verder blijkt de geringe temperatuurstijging die sinds het begin van deze eeuw heeft plaatsgevonden (en waarin sommigen een versterkt broeikaseffect zien) zich in niets te onderscheiden van de normale fluctuaties in de afgelopen millenia.