Grieks-Albanese ruzie: paranoia van twee kanten

De veroordeling, in Tirana, van vijf leiders van de Griekse minderheid in Albanië tot celstraffen van zes tot acht jaar wegens spionage voor Griekenland is de culminatie van een crisis tussen beide landen die al begin april begon met een bloedig incident aan de grens, waarbij twee Albanese grenswachten werden gedood. De vijf werden opgepakt bij huiszoekingen die in april werden verricht onder leden van de Griekse minderheid.

Griekenland ziet de arrestaties, het proces en de veroordeling van de vijf Albanese Grieken als onderdeel van een poging van de “anti-Griekse” regering in Tirana om de Griekse minderheid in het zuiden van Albanië monddood te maken, te intimideren en te albaniseren. Albanië van zijn kant ziet in de Griekse reacties een poging om de minderheid in het zuiden van Albanië te radicaliseren en te helleniseren.

De Albanees-Griekse ruzie lijkt steeds meer een uiting van paranoia - van beide kanten. Het lijdt geen twijfel dat de vijf beklaagden vanuit Griekenland wapens hebben ingevoerd, dat ze geld hebben aangenomen en dat ze contacten hebben onderhouden met en informatie hebben verschaft aan de Griekse geheime dienst. Ze hebben dit op het proces toegegeven, in aanwezigheid van internationale waarnemers en vertegenwoordigers van mensenrechtenorganisaties.

Maar of dit neerkomt op het separatisme dat Tirana er achter zoekt is de vraag. Het grootste deel van het geld staat op Griekse bankrekeningen en bij de wapens ging het eerder om buksen en jachtgeweren dan om moderne wapens waarmee - zoals het vonnis gisteren vermeldde - de Griekse minderheid moest worden bewapend teneinde te zijner tijd op een teken uit Athene massaal in opstand te komen en Zuid-Albanië ('Noord-Epirus') af te scheiden.

Vast staat verder dat de Albanese autoriteiten in hun ijver om het Griekse separatisme aan de kaak te stellen ernstige procedurele en andere fouten hebben gemaakt: huiszoekingen zijn na middernacht uitgevoerd, arrestaties zijn zonder bevel van een rechter verricht, bewijsmateriaal is zonder protocol meegenomen en het recht op juridische bijstand van eigen keus werd geschonden.

De Grieken van hun kant hebben in hun publieke reacties alle proporties uit het oog verloren. Wilde beschuldigingen (zoals de vaststelling, nog vóór het proces begon, dat het “een parodie” en “een farce” was) en concrete vergeldingsacties als de weigering van een dialoog, de blokkering van EU-gelden voor Albanië en de uitzetting van 45.000 Albanezen hebben de spanning alleen maar opgedreven. Veel in razzia's opgepakte Albanezen zijn mishandeld, beroofd en bedreigd: velen zijn geslagen, hun paspoorten werden afgenomen en verscheurd, hun geld en andere bezittingen werden afgenomen, gezinnen werden gescheiden. In hun gebrek aan respect voor de mensenrechten, zo concludeerde onlangs de Internationale Federatie voor Mensenrechten, hebben Albanië en Griekenland niet veel voor elkaar ondergedaan - al hebben de Griekse acties aanzienlijk meer individuele slachtoffers getroffen.

Naar verwachting zal Griekenland zijn vergeldingsacties na de uitspraak in Tirana nog intensiveren: er zullen meer troepen naar het grensgebied worden gestuurd, meer zwartwerkers worden uitgezet en meer diplomatieke en economische maatregelen worden genomen. Dat de Grieken niet terugschrikken voor radicale maatregelen als een volledige boycot bewijzen ze als sinds februari met hun handelsembargo tegen Macedonië. Een dergelijke maatregel zou in het geval van Albanië overigens beduidend minder dramatisch zijn, omdat dit land, anders dan Macedonië, beschikt over een open haven.

De zwaarste maatregel die Athene kan nemen is de stopzetting van de mogelijkheid voor de 300.000 Albanese zwartwerkers om geld naar huis over te maken. In dat geval zou de zwakke en kwetsbare Albanese economie ernstig worden getroffen. Albanië drijft economisch op het geld van de zwartwerkers. Zij stuurden in 1992 150 miljoen dollar naar huis, het dubbele van de hele Albanese export. In 1993 en het eerste kwartaal van dit jaar ging het met respectievelijk 334 en 77 miljoen miljoen dollar al om drie keer de Albanese uitvoer en meer dan het hele Albanese begrotingstekort.