Topman Saint-Gobain in opspraak

PARIJS, 7 SEP. Tegen Jean-Louis Beffa, de president-directeur van het Franse glasconcern Saint-Gobain, is een gerechtelijk onderzoek ingesteld wegens betaling van steekpenningen. Een dochteronderneming zou 1,5 miljoen gulden hebben betaald voor een waterleidingcontract in Nantes. De aandelen Saint-Gobain verloren ruim 4 procent na het bekend worden van het nieuws.

De gerechtelijke actie past in de Franse operatie 'schone handen' die dit jaar al de presidenten van andere industriële giganten in verlegenheid heeft gebracht. Eerder werden de directievoorzitters van Alcatel en Schneider (in België) aan de tand gevoeld. De financiële affaires rond het grote bedrijf Péchiney (o.a. staal) speelden een belangrijke rol in de val van de socialistische regering in 1993.

Ook dit keer zijn er sterke politieke implicaties in het spel. Het geld dat een dochteronderneming van Saint-Gobain in 1988 heeft betaald aan de zakenman Trager, die bemiddelde bij het waterleidingcontract, zou terecht zijn gekomen in de kas van de Parti Républicaine. De PR maakt deel uit van de huidige regeringscoalitie en wordt geleid door de minister van industrie Gérard Longuet en zijn collega van defensie François Léotard .

Longuet ontkende vanmorgen dat zijn partij een cent van Saint-Gobain heeft ontvangen. Hij zei het bovendien zeer te betreuren dat de reputatie van een bedrijf dat zo veel miljarden voor Frankrijk verdient en tienduizenden werk verschaft, bezoedeld wordt.

Zowel Longuet als Léotard hebben met de justitie langdurige discussies over hun persoonlijke financiën. Zij behoren tot de groep toppolitici uit het politieke centrum die zich sterk maken voor de kandidatuur van premier Balladur voor de opvolging van president Mitterrand in 1995.