Kinderen die rieken en brood zoeken

DEN HAAG, 7 SEPT. De mooiste school van de Haagse Schilderswijk is basisschool 't Palet. De school is sinds een jaar gehuisvest aan de Vaillantlaan, die tijdens de stadsvernieuwing als een van de eerste straten een architectonische metamorfose heeft ondergaan. Met de lange rijen gebouwen van architect Jo Coenen heeft de straat de allure van een statige allee gekregen.

Achter de marmeren gevel van de katholieke basisschool krijgen dagelijks 475 kinderen, van wie slechts dertig Nederlandse, les van ruim veertig leraren.

Directeur O. Demesmaeker heeft met instemming kennis genomen van het rapport over 'Effectief onderwijs in achterstandsgebieden'. Net als de meeste scholen in de Schilderswijk krijgt 't Palet subsidie voor extra leerkrachten om de achterstand van allochtone kinderen weg te werken. Ook Demesmaeker zou het nuttig vinden als er een 'schoolvolgsysteem' zou komen om de kwaliteit te verhogen. Ook van het belang van functioneringsgesprekken met docenten is hij overtuigd. Zijn school heeft ook ervaren hoe nuttig het is om samen te werken met schoolartsen, huisartsen, maatschappelijk werkers en het Riagg.

Maar sommige passages uit het rapport, waarvoor basisscholen en middelbare scholen in de Haagse Schilderswijk zijn bezocht, heeft hij toch met verbazing gelezen. Bijvoorbeeld de constatering dat niet alleen incest, verwaarlozing en mishandeling ernstige gevolgen hebben voor het welbevinden van kinderen op school, maar dat ook minder zware problemen zoals het ruiken naar urine er de oorzaak van zijn dat kinderen door hun klasgenootjes worden gemeden.

Demesmaeker: “Dat beeld is niet correct. Sommige kinderen zien er zo haveloos en onverzorgd uit, dat ik weleens de neiging heb ze een oude trui te geven. Maar het valt me op dat niemand daardoor wordt gemeden. Een schoenenrage bestaat hier niet.” Adjunct-directrice S. Kuiperi: “We gaan er gemakkelijk mee om. Als meisjes gaan puberen, krijgen ze een lijfgeur. We zeggen dan gewoon dat ze een deodorant moeten gebruiken.”

Ook de aanbeveling uit het rapport dat schooldirecteuren in achterstandsgebieden zorgvuldiger moeten worden geselecteerd, heeft de directie verrast.

Demesmaeker: “Zorgvuldige selectie is alleen mogelijk als er iets te selecteren valt. Dat is niet zo. Op een advertentie voor schooldirecteur in deze buurt komen meestal maar twee brieven. Er is geen hond die hier directeur wil worden.”

De directie van 't Palet wijst erop dat veruit de meeste problemen op school te wijten zijn aan de vaak slechte woon- en leefomstandigheden van de kinderen.

“Je kunt van een kind dat met zes broers en zussen op drie of vier kamers woont, moeilijk verwachten dat het daar de tafels van vermenigvuldiging gaat zitten leren. Dat doe je maar op school, zeggen de ouders meestal.” Er heerst dan ook vrijwel geen verzuim onder de leerlingen. Veel blijven langer op school, er wordt veel aan huiswerkbegeleiding gedaan.

Veel ouders in achterstandswijken zijn wel betrokken bij de prestaties van hun kind op school, maar slagen er meestal niet in het kind bij te staan, aldus de directie van 't Palet.

Demesmaeker: “Veel ouders hebben zelf niet of heel kort op school gezeten. Kinderen kunnen thuis niet veel vragen. Veel is terug te voeren op de taal en het gebrek aan kennis. Ouders weten niet wat een dictee is. Of wat ontleden is. Op een rapportvergadering zitten we te vertellen over wat wel en niet goed gaat met hun kind, en na het gesprek zegt de ouder: O, dus het gaat goed. Dat is het enige wat ze willen weten: gaat het goed of niet.”

Adjunct-directrice Kuiperi: “Het is zwaar werk, maar de voldoening is groot. In Wassenaar komen kinderen naar school met het idee dat ze iets gaan leren. Hier veel minder. Ze worden thuis niet gestimuleerd. Ze zitten vaak met andere gedachten, bijvoorbeeld met een schietpartij die ze de dag ervoor hebben meegemaakt. We gaan vaak op huisbezoek. Naar de baby kijken, naar de nieuwe slaapkamer. Wil je iets met deze kinderen bereiken, dan moet je een hechte band met ze opbouwen.”

Op een steenworp afstand van 't Palet ligt de openbare basisschool De Stortenbeker, een oud gebouw in een afbraakbuurt. De school telt 230 leerlingen, allemaal allochtoon. Ook deze school heeft extra leerkrachten voor leerlingen met een achterstand. Directeur A. van der Zalm kwam vorig jaar in het nieuws toen hij signaleerde dat zijn kinderen op de speelplaats door drugsdealers werden gebruikt om bolletjes heroïne vast te houden als de politie in aantocht was en om op de uitkijk te staan. Sindsdien is het volgens de directeur, inmiddels ook gemeenteraadslid voor D66, een stuk rustiger geworden.

Samen met een huisarts richtte hij enkele jaren geleden een netwerk tussen school en hulpverlening op om vroegtijdig problemen van kinderen te signaleren. Van der Zalm: “De school heeft een signaalfunctie. Als een kind geen brood bij zich heeft of geen sokken aanheeft, als een kind in de prullenbakken kijkt om te kijken of er iets eetbaars in zit, dan is er een probleem.”

Ook Van der Zalm verklaart dat effectief onderwijs in de Schilderswijk niet alleen mag bestaan uit meer leerkrachten en meer boeken. Van der Zalm: “Je kunt niet alleen zeggen: zet er een extra juf tegenaan. Je moet ook de oorzaken onderzoeken. Je mag de school niet dichtgooien. Je moet de ouders erbij betrekken, ze op school laten komen.” Ook huisbezoeken bewijzen hun nut.

Van der Zalm: “Huisbezoeken dienen om een stukje contact te leggen. Op een dag kwam een meisje met een gebroken arm op school. Ze zei dat ze was gevallen in haar slaap. Dat begreep ik niet. Ik ben naar haar huis gegaan. Daar bleken twee gezinnen in een huis van vier kamers te wonen. Het meisje sliep 's nachts op een matras op tafel. Daar was ze vanaf gevallen.”

Van der Zalm: “Er heersen veel vooroordelen over allochtone scholen. Er zijn teleurstellingen, maar er is ook de warmte van het succes, bijvoorbeeld het Marokkaans meisje dat nu op de universiteit zit, of de oud-leerlinge die hier nu voor de klas staat. De gezelligheid van de oude volksbuurt is verdwenen, maar er is iets voor teruggekomen. Vroeger gingen de kinderen van autochtone Schilderswijkers naar de camping als ze geen zin in school hadden. Allochtone kinderen zijn leergieriger. Ze balen als het vakantie is.”