Hongaren eren veroveraar

SZIGETVAR, 7 SEPT. De Turkse president, Süleyman Demirel, heeft gisteren in het Hongaarse Szigetvar een standbeeld onthuld van Süleyman de Prachtige, de zestiende eeuwse veroveraar van deze stad in het zuiden van Hongarije. De onthulling heeft veel Hongaren die zich van de geschiedenis bewust zijn, hogelijk verbaasd.

Süleyman, de grootste Ottomaanse heerser, stierf 428 jaar geleden tijdens de belegering van Szigetvars door moerassen omgeven fort, enkele dagen voordat het door de Turken werd ingenomen. In Turkije wordt hij geëerd als een groot staatsman. Voor de Hongaren is hij daarentegen een schurk wiens overwinning bij Mohacs, ten oosten van Szigetvar, in 1526 het eind betekende van het Hongaarse koninkrijk en Hongarije reduceerde van een regionale grootmacht tot een land van geringe betekenis.

Demirel, die een driedaags bezoek brengt aan Hongarije, zei bij de onthulling van het bronzen beeld van de sultan, wiens 500ste geboortedag dit jaar in Turkije wordt gevierd: “We denken met droefheid terug aan de vijandschap van het verleden en concentreren ons nu op onze vriendschap.” De Hongaarse minister van cultuur, Gabor Fodor, memoreerde het feit dat Hongarije “een van de verliezers was bij Süleymans pogingen, zijn rijk uit te breiden”.

In 1566 belegerde Süleyman Szigetvar in een campagne die hem uiteindelijk in Wenen had moeten brengen. Hij overleed op 71-jarige leeftijd, twee dagen voordat Szigetvar in handen van de Turken viel. Zijn dood werd geheim gehouden om de troepen niet te demoraliseren. De verdedigers van Szigetvar, niet op de hoogte van Süleymans dood, waagden een wanhopige uitbraakpoging onder Miklos Zrinyi, een Kroatische edelman die onderkoning van Hongarije was, en werden in de pan gehakt. Zrinyi's uitval, die nog steeds in gedichten wordt herdacht, leverde hem de status van nationaal held op.

Sommige inwoners lijken tevreden met het standbeeld van Süleyman in hun stad. Doelend op het standbeeld van Zrinyi op het centrale plein van Szigetvar zegt een onderwijzer: “Nu hebben we twee leeuwen voor de toeristen.” Die tevredenheid wordt echter niet door iedereen gedeeld. Een van de leerlingen van dezelfde onderwijzer is geschokt over het standbeeld voor Süleyman: “Straks richten ze nog een standbeeld voor Dzjengis Chan op.” (Reuter)