Bankchef Tietmeyer praat rente omhoog

AMSTERDAM, 7 SEPT. De afgelopen dagen liep de kapitaalmarktrente in Duitsland, en in het kielzog hiervan ook die in Nederland, scherp op. Zo kwam de notering van de Nederlandse tienjarige 7,25 procent staatslening gisteren uiteindelijk op een rendement van 7,53 procent, tegen 7,23 procent een week eerder.

Debet hieraan was een uitspraak van de president van de Bundesbank, de heer Tietmeyer, dat de Duitse economie op dit moment geen behoefte heeft aan een Duitse renteverlaging. Eerder al waren de officiële Duitse tarieven ongewijzigd gelaten en werd bovendien het Repotarief voor nog eens twee weken (tot 21 september) vastgepind op 4,85 procent. De uitspraak van Tietmeyer bleek als een katalysator te werken in het reeds aanwezige explosieve mengsel van de aanhoudend meevallende conjunctuurontwikkeling en de onzekerheid in verband met de naderende Duitse verkiezingen. Het snelle conjunctuurherstel werd onder andere geïllustreerd door de zeer forse stijging van de bezettingsgraad van de industrie in het tweede kwartaal van 80,3 tot 82,3 procent.

De turbulentie op de kapitaalmarkten lieten de geldmarkt in Nederland niet geheel onberoerd: de geldmarkttarieven zijn over de gehele linie wat opgelopen. Indien men de Nederlandse geldmarkttarieven beschouwt, kan worden geconcludeerd dat marktpartijen geen discontoverlaging meer voorzien. Er is immers sprake van een naar looptijd oplopende rentecurve (gisteren driemaands interbancair tarief 4,98 procent en eenjaars 5,45 procent).

Uit de weekstaat blijkt dat belastingafdrachten de schatkist weer hebben gevuld. Per saldo vloeide 4,7 miljard gulden in de schatkist. Dit werkte geldmarktverkrappend. Ook de storting ad 1,2 miljard gulden op de toewijzing van de Nederlandsche Bank Certificaten (NBC's) werkte aldus. Een en ander werd echter meer dan gecompenseerd doordat de omvang van de verplichte kasreserve werd verlaagd met 6,2 miljard gulden. Per saldo ontstond een verruiming van de geldmarkt in de verslagweek van afgerond 0,4 miljard gulden. Het geldmarkttekort verminderde aldus tot 5,5 miljard gulden.

De relatief rustige en voorspelbare ontwikkelingen op de geldmarkt leidden tot een gelijkmatig gebruik van het beroepscontingent. Terwijl 50,5 procent van de tijd is verstreken is de uitputting slechts een fractie lager (50,3 procent). Het besparingspercentage bleef daarmee vrijwel constant.

De kasreserve wordt met ingang van 8 september aanstaande verhoogd met 2,3 miljard gulden tot 17,8 miljard gulden. Dit, omdat betalingen via de schatkist (o.a. uitkeringen) zullen worden gedaan. De nieuwe kasreserve loopt tot 15 september.

Bron: Economisch Bureau ING Groep