Sociaal Cultureel Rapport '94: ONDERWIJS; Hoger onderwijs voor velen bereikt zijn grens

Steeds meer jongeren volgen steeds langer onderwijs en bereiken een steeds hoger niveau. Tegelijkertijd krijgt de academicus het steeds moeilijker op de arbeidsmarkt.

- Als gevolg van de demografische ontwikkeling stijgt sinds 1991 het aantal leerlingen op de basisschool. Daarbij zal het aandeel leerlingen uit kwetsbare groepen (minderheden, ouders met lage opleiding) toenemen van nu 11 procent tot 13 procent in 1998. Afgezien van de groei van het individueel voorbereidend beroepsonderwijs gaan leerlingen in het voortgezet onderwijs vaker naar maatschappelijk hoger gewaardeerde schoolsoorten. In 1980 bezocht nog 33 procent van de middelbare scholieren het lager beroepsonderwijs en 19 procent het voortgezet wetenschappelijk onderwijs (VWO), in 1991 was dat voor beide schooltypen 25 procent.

- Het beleid 'moeilijke' leerlingen zoveel mogelijk op te vangen binnen het reguliere onderwijs is tot dusver weinig effectief. Het speciaal onderwijs groeit nog. Het omgaan met gelijke kansen en individuele kwaliteit van scholieren roept op alle onderwijsniveaus spanningen op.

- De wisselende belangstelling voor universitaire studies lijkt eerder een kwestie van tijdgeest dan van arbeidsmarkt. Het aandeel studenten in alfa-en gammarichtingen steeg in 15 jaar van 50 naar 70 procent. Pogingen om die keuzes te beïnvloeden sorteren vooralsnog weinig effect; technische studies zijn nog steeds niet populair.

- Eenmaal op de arbeidsmarkt doen mensen met een beroepsopleiding het relatief goed, terwijl de kansen van HBO'ers en academici niet beter zijn dan die van MBO'ers. In 1992 was het percentage werkloze schoolverlaters met alleen basisschool met 35 procent nauwelijks hoger dan het percentage werkloze pas afgestudeerde academici (33 procent). Het aantal jongeren dat het onderwijs verlaat zonder minimaal een MAVO- of VBO-diploma is gelijkgebleven (10 procent), maar hun maatschappelijke positie wordt wel steeds moeilijker.

- Het aloude beleidsdoel 'hoger onderwijs voor velen' dreigt te vervliegen nu de verblijfsduur in het hoger onderwijs is beperkt en er drastische ingrepen in de studiefinanciering dreigen. Het is niet ondenkbaar dat een hogere eigen bijdrage kinderen uit lagere-inkomensgroepen relatief meer zal belemmeren naar universiteit of hogeschool te gaan.