Spanje; Politiek van de ETA vervaagt in mist van geweld

MADRID, 3 SEPT. Een lichtflits, de donderende klap van de zware autobom, gevolgd door een serie kleinere explosies. Daarna een stofwolk die het plein aan het zicht onttrok en het geluid van de laatste ruiten die rinkelend in stukken vielen. Even was het stil, maar toen de rook langzaam optrok en de hel zichtbaar werd, begon een pandemonium van gillen, huilen en krijsen op de Plaza de Ramales.

De getuigenissen van buurtbewoners over het bloedbad dat de afscheidingsbeweging ETA vlakbij mijn appartement in de Madrileense binnenstad aanrichtte zijn redelijk eensluidend. Zelf was ik er niet, die bewuste vrijdag de 29-ste juli, half negen in de ochtend. Juist de dag ervoor Madrid uitgefietst, weg van de hete stad, een vakantie voor de boeg. Uit lijfsbehoud een klein geluk, zo bleek bij terugkomst. Vrijwel alle ruiten aan de voorkant van mijn appartement werden door de schokgolf naar binnen gedrukt. Op mijn bureau glinsteren nog steeds de stille getuigen van de bom. Naalddunne glassplinters die hoe goed ik ook schoonmaak voortdurend opduiken: op de vloer, tussen papieren of in het toetsenbord van mijn computer. Normaal zit ik rond het tijdstip van de explosie op de plek waar de schervenregen langs werd geblazen.

De 24-jarige César García had minder geluk. Hij stond om de hoek een vrachtwagen van het Ballet Clásico de Madrid in te laden. Toen de stofzuil van de explosie neerdwarrelde werd zijn lichaam zichtbaar, hangend in het hekwerk van het balkon schuin boven de sjieke lederwarenwinkel Lepanto. Althans, wat er van zijn lichaam over was. Het grootste deel lag verspreid over het plein, tussen de brandende autowrakken en vermengd met de stoffelijke resten van luitentant-generaal Francisco Veguillas (69) en diens chauffeur Joaquín Martín (24). “Bloed, overal bloed en stukken mens”, zo beschrijven ooggetuigen de situatie vlak na de explosie.

Drie doden, tientallen gewonden, waarvan enkele ernstig. De droge data van de laatste grote aanslag van het Madrileense moordcommando van de ETA. Doelwit was de omgekomen luitenant-generaal, directeur defensiestrategie bij het ministerie van defensie. “De aanslag was een van de belangrijkste verliezen voor de staat sinds de dood van admiraal Carrero Blanco”, verklaarde deze week tijdens een persconferentie een trotse Floren Aoiz, de woordvoerder van Herri Batasuna. De aanslag heeft de politieke partijen in Spanje verdeeld in hun opinie over de aanpak van de ETA, zo constateerde de zegsman van deze politieke arm van de ETA tevreden.

Dat laatste klopt. Het begon al direct na de bomaanslag, toen een man met een megafoon in de hand door de straten van mijn buurt liep. Acht jaar geleden kwam zijn vader om het leven bij een ETA-aanslag. De oproep om de doodstraf in te voeren die hij door de straten schalde werd door de woedende buurtbewoners met een applaus beloond. Inmiddels staat het tot in de verre omgeving met grote zwarte letters op de muren gekalkt: ETA, pena de muerte.

De bomaanslag kwam kort nadat de regering had besloten de ongeveer 600 ETA-gevangenen een aanzienlijke strafvermindering te geven als ze openbaar het geweld afzweren. De rechtse oppositiepartij Partido Popular, voorstander van de harde aanpak, is tegen deze pacificatiepolitiek. Net als de ETA zelf overigens, want de terreurorganisatie heeft het niet zo op openbare schuldbekentenissen. Het zal niet de eerste keer zijn dat spijtoptanten worden afgelegd. Bij wijze van openbaar dienstbevel liet de ETA deze week weten dat al haar leden in de gevangenis vanaf morgen in hongerstaking moeten gaan uit protest tegen de perfide politiek van strafvermindering. Eventuele twijfelaars zijn gewaarschuwd.

Ook in Baskenland groeit de overtuiging dat de ETA een “afscheidingsbeweging” is waarvan de politieke doelstellingen inmiddels zijn vervaagd in de mist van het geweld. Sinds 1968, toen de gewapende strijd tegen het Franco-regime begon, zijn de tijden veranderd: in Baskenland regeert een onafhankelijke, democratisch gekozen regioregering met vergaande bevoegdheden. Baskische partijen maken er de dienst uit. Van een bezetting door een legermacht is geen sprake, van elkaar op leven en dood bestrijdende bevolkingsgroepen evenmin.

En de pan-Baskische gedachte (een groot Baskenland dat tot in Frankrijk doorloopt) stuit op desinteresse of regelrechte afwijzing door een grote meerderheid van de bevolking in de betrokken gebieden. Bij de Europese verkiezingen verloor Herri Batasuna zijn ene zetel. De twintig procent van de stemmen die de partij ooit in Baskenland trok is volgens de laatste tellingen geslonken tot vijftien procent. Volgende maand gaan de inwoners weer naar de stembus om het parlement van hun regio te kiezen.

Afgezien van de bomaanslag in Madrid werd in Baskenland de afgelopen weken ondermeer een 'verklikker' door zijn hoofd geschoten, een agent vermoord, een vermeende drugsdealer afgemaakt en enkele bomaanslagen gepleegd. Terwijl op de Plaza de Ramales nog druk wordt getimmerd aan de vernielde gebouwen trekt de verkiezingskaravaan van de ETA verder.