Meerderheid Duitsers is positief over Nederland

ROTTERDAM, 4 SEPT. Nederlanders hebben een veel lagere dunk van Duitsers dan Duitsers van Nederlanders. Dat blijkt uit een onderzoek onder duizend inwoners van de Nederlandse en Duitse grensstreek dat gisteren werd gepubliceerd onder de titel 'Een goede buur, Duitsers en Nederlanders in de Euregio'.

Driekwart van de ondervraagde Duitsers vindt de Nederlanders een sympathiek volk, van de Nederlanders daarentegen koestert slechts 43,1 procent sympathie voor de Duitsers. Bovendien vindt een meerderheid van de Nederlanders dat de inwoners van Duitsland arrogant zijn (61,4 procent), heerszuchtig (68,9) en betweterig (56,4). Al deze slechte eigenschappen worden in veel mindere mate door Duitsers aan Nederlanders toegedicht. Bij positieve eigenschappen, zoals gevoel voor humor en vriendelijkheid, scoren de Nederlanders opvallend hoog: 84,7 procent van de Duitsers zien de Nederlanders als een vriendelijk volk en 78,4 procent meent dat Nederlanders over veel gevoel voor humor beschikken. Omgekeerd noemen 58,4 procent van de Nederlanders de Duitsers sympathiek en 43,1 procent meent dat zij ook niet geheel van humor verstoken zijn.

Over het algemeen oordeelt de Nederlandse jeugd negatiever over de Duitsers dan de ouderen. Uit een onderzoek dat vorig jaar in opdracht van het instituut voor internationale betrekkingen, Clingendael, onder Nederlandse jongeren tussen vijftien en negentien jaar werd gehouden, bleek ook al dat volwassenen veel milder zijn in hun oordeel over de Duitsers dan jongeren. Als oorzaken van de afwijzende houding van de jeugd tegenover Duitsers werden ondermeer de Tweede Wereldoorlog en de rellen bij asielcentra genoemd, maar ook eigenschappen die aan 'de Duitser' in het algemeen werden toegeschreven, zoals een autoritaire en dominante instelling. De helft van de jongeren zag Duitsland ook als een agressief land.

In het nu gepubliceerde onderzoek - dat verricht werd in opdracht van het grensoverschrijdende samenwerkingsverband Euregio, het Twentse dagblad Tubantia en de Westfälische Nachrichten in Münster - wordt zowel aan Duitsers als Nederlanders de vraag gesteld hoe bedreigend Duitsland in militair, politiek en economisch opzicht voor Nederland is. Het overgrote deel van de geinterviewde Duitsers, rond de 90 procent, is ervan overtuigd dat hun land op geen enkele manier een bedreiging voor Nederland vormt. De Nederlanders blijken op hun beurt ook niet zo beducht voor de Duitsers. Alleen wat de economie betreft, boezemt Duitsland 33,3 procent van de Nederlanders enige angst in.

De zure blik, waarmee veel Nederlanders de Duitsers bekijken, toont volgens de onderzoekers, R. Weingarn en T. Blank, beiden verbonden aan de Wilhelms-Universeit in Münster, opvallende overeenkomsten met het beeld dat Duitsers van zichzelf hebben. Zo beschouwt de helft van de Nederlanders de Duitsers als een intolerant volk, een opinie die door de Duitsers wordt gedeeld. Zo intolerant als zij zichzelf vinden, zo verdraagzaam zijn in hun ogen juist weer de Nederlanders: meer dan 70 procent ziet Nederland als een uiterst tolerant volkje. Volgens de onderzoekers stroken deze opvattingen aan beide zijden van de grens niet met de werkelijkheid. Zo zijn Duitsers tegenover buitenlanders bijvoorbeeld veel verdraagzamer dan Nederlanders: van de meeste Duitsers hoeven allochtonen zich niet aan te passen aan de Duitse zeden en gewoonten.

Ondanks de wat gespannen onderlinge verstandhouding die uit het onderzoek naar voren komt, erkennen zowel Nederlanders als Duitsers dat er meer is wat hen bindt dan wat hen scheidt.