Actiegroepen zoeken alternatieven voor Betuwelijn; 'Niemand bij ons zegt: we moeten ophouden met vervoeren'

Het Landelijk Overleg Betuweroute verlegt zijn koers: niet meer alleen maar tegen aanleg van de Betuwelijn pleiten, maar ook actief meediscussiëren over alternatieven. Het risico vuile handen te maken neemt men voor lief.

KERK AVEZAATH, 3 SEPT. Het regeerakkoord heeft ruimte geschapen voor een nieuwe discussie over de Betuwelijn; dit keer niet alleen over hoe die moet worden aangelegd, maar ook over of die wel moet worden aangelegd. Uitdrukkelijk staat in het akkoord dat naar alternatieven zal worden gekeken. Voor de actievoerders is dit het signaal voor een koerswending. Dinsdag vergadert het Landelijk Overleg Betuweroute (LOB) over de nieuwe koers. Joost Klerkx en Dick Koper blikken vooruit.

Uiteraard hebben de actievoerders de afgelopen jaren volop gedacht en gediscussieerd over alternatieven voor de Betuwelijn, maar die discussies bleven doorgaans binnenskamers. De vele groepen die deel uitmaken van het LOB vonden elkaar immers juist in hun gezamenlijke afwijzing van de aanleg van de Betuwelijn volgens de huidige voorstellen. “Wij zeggen nu, we hebben ons lang genoeg alleen maar tegen de Betuwelijn opgesteld”, zegt Klerkx. “We moeten duidelijk maken dat we niet alleen maar tegen zijn. Het is tijd om een stap verder te gaan: geen Betuwelijn, maar wat dan wel? Daarover hebben we binnen onze gelederen ook felle discussies.”

Het is zeker niet gezegd dat de gelederen zich zullen sluiten rond één standpunt, want de uitgangspunten verschillen nogal. Klerkx: “Niemand bij ons zegt: we moeten nu ophouden met vervoeren in Nederland. Wel vinden we dat de onstuimige groei van het vervoer in principe een doodlopende weg is. Dat vergt een trendbreuk. Ik ben reclamemaker; ik weet dat een trendbreuk een lange periode vergt. Maar we zitten nu met een probleem op korte en middellange termijn.”

“In Europees verband wint de opvatting zeer snel terrein dat goederenvervoer per spoor beter is dan over de weg”, aldus Koper. “Op zich is dat goed. Maar de uitgangspunten voor de aanleg van infrastructuur in Frankrijk of Duitsland zijn nu eenmaal anders dan die in het dichtbevolkte Nederland.” Klerkx: “Er is alleen nagedacht over een spoorverbinding. Men heeft gedacht: Hamburg heeft een spoorlijn, dus wij moeten er ook een.”

“Maar Nederland is nooit een spoorland geweest. Men zegt dat vanuit Hamburg een veel hoger percentage goederen per spoor naar het achterland gaat. Dat is waar, maar dat wordt wel zwaar gesubsidieerd. En zou er ook zoveel over het spoor gaan als Hamburg net zulke goede waterverbindingen had met het achterland als Rotterdam?”

Het steekt de actievoerders vooral dat de discussie rond de Betuwelijn altijd alleen maar over spoorvervoer ging. Er is niet eerst gediscussieerd over het probleem: hoe kun je anders dan over de weg goederen snel, schoon, efficiënt en betrouwbaar naar het achterland transporteren? Eigenlijk zijn ze dan ook helemaal niet gelukkig met de aandacht die de bouwmethode van Lievense krijgt. Door aanleg in een dijk begraven tunnelbuis zou ondergrondse aanleg mogelijk voor ruim een miljard gulden meer zijn te realiseren dan de huidige, door het parlement goedgekeurde bovengrondse aanleg. Koper: “Dat trekt de discussie weer naar de technische uitvoering, maar wij willen het eerst hebben over hoe je het goederenvervoer moet organiseren.

“Kijk, de Betuwelijn heeft één groot voordeel”, betoogt Klerkx: “Je hebt maar met één partij te maken, namelijk met de spoorwegen. Als je de binnenvaart erbij gaat betrekken heb je meteen met honderden schippers te maken.” Toch speelt met name de binnenvaart een centrale rol in de varianten die bij de actievoerders ter tafel komen. Al is men het nog lang niet met elkaar eens. Klerkx: “Waarom zet je in Rotterdam niet alles ongesorteerd op een schip en sorteer je dat uit op een multimodaal transportcentrum ergens in Nederland?” Koper: “Bij Druten maken ze een roll-on roll-off haven bij een oude veerkade. Via het water kun je vrijwel overal in Nederland komen. Waarom zou je niet ook elder ro-ro-havens maken, met diverse knooppunten in Nederland?”

Niet ondenkbaar is dat het LOB zijn eigen realo's en fundi's krijgt. Er zijn er die helemaal op de lijn van het trendbreukscenario zitten: dat er een transformatie van de samenleving moet plaatsvinden in internationaal verband, zodat er veel minder goederenvervoer nodig is. Klerkx mag echter tot de realo's worden gerekend: “Wij onderschrijven de noodzaak van economische groei, dat Nederland een transportland is, dat de haven van Rotterdam ruim acht procent bijdraagt aan het bruto nationaal produkt en dat je die haven dus moet koesteren. Wij willen Rotterdam niets in de weg leggen om een normale groei te realiseren.

“Maar wat je nu ziet is dat een van de grootste infrastructuur-beslissingen is genomen omdat PvdA en CDA elkaar in het zadel wilden houden. Bovendien waren er maar enkelen in de Kamer voldoende op de hoogte.” Veel van de actievoerders hebben zich inmiddels zo diep ingegraven in de nota's dat ze in deskundigheid zeker met Kamerleden kunnen wedijveren. Koper: “Het is tijd dat ook burgers zich mengen in zulke discussies, omdat 150 Kamerleden het niet alleen kunnen.”

“Onze boodschap is”, betoogt Koper, “dat we niet zozeer tegen de Betuwlijn zijn, maar tegen de manier waarop de minister structuur geeft aan het omgaan met vervoersstromen. Je zult met alle betrokken partijen om de tafel moeten gaan zitten: reders, de binnenvaart, de spoorwegen, het wegtransport, de haven, maar ook met betrokken burgers en met echt onafhankelijke deskundigen erbij. En dan praten over een oplossing, niet op basis van de kracht van lobby's, maar op basis van argumenten.”

Klerkx: “Stel dat wij betrokken worden bij de discussie. En stel dat daar uitkomt dat een Betuwelijn inderdaad de beste oplossing is. Dan weten we in elk geval dat er een aantal mensen verdomd kritisch naar hebben gekeken. En dan zeg ik: jammer, maar soit. Dan maar een Betuwelijn. Wel moeten we dan nog een oplossing vinden voor de negatieve effecten.”

Een belangrijk punt van kritiek van de actievoerders op de nu voorgenomen uitvoering van de Betuwelijn is dat veel negatieve effecten onvoldoende bestudeerd zijn. Klerkx: “Je kunt Nederland anno 2000 toch niet meer opzadelen met een strook van vier kilometer breed en 120 kilometer lang waar niet meer te leven valt.” Het gaat dan niet alleen om de veelbesproken lawaaiproblematiek, maar vooral ook over veiligheidskwesties. Klerkx: “Niemand weet bijvoorbeeld wat er gebeurt als er een groot ongeluk gebeurt met een chloortrein.”

Zullen de actievoerders uiteindelijk eventueel instemmen met de aanleg van de Betuwelijn? Koper: “Ook daar waar je wordt geconfronteerd met een aantasting van je eigen belang, moet je toch bereid zijn de afweging met het algemeen belang te maken. Wij zijn met elkaar in staat gebleken om een discussie te voeren die boven onze eigen belangen uitstijgt. We hebben de afgelopen maanden gemerkt dat ook met veel voorstanders best genuanceerd valt te praten. Laten we gezamenlijk nadenken over oplossingen, en vantevoren niets uitsluiten. Ik ben niet bang om vuile handen te maken.”