Onderhuurder

Herinnert u zich nog het kabaal toen bekend werd dat de Amerikaanse architect Michael Graves opdracht had gekregen om het Nederlands ministeriegebouw voor WVC in Den Haag te ontwerpen? Vooral het huis van de Bond van Nederlandse Architecten (BNA) was te klein. Hoe haalde de toenmalige minister van cultuur, Hedy d'Ancona, het in haar hoofd om het ontwerp voor zoiets kostbaars en prestigieus als het cultuurministerie aan een buitenlander te gunnen? Voor straf werd de minister door de BNA-voorzitter, de architect professor Carel Weeber, de toegang ontzegd tot een BNA-feestje waar zij notabene gevraagd was het woord te voeren. Waarop de rijksbouwmeester, architect professor Kees Rijnboutt, zich terugtrok als lid van de beroepsvereniging.

Natuurlijk lag de ware toedracht wat genuanceerder dan Weeber, het type van de aimabele provocateur, had voorgesteld. Zoals alle rijksdiensten is ook de Rijksgebouwendienst aan het privatiseren geslagen. Het is de bedoeling dat de nieuwe huisvesting van voormalig WVC een zogenaamd marktconform gebouw wordt met het ministerie als eerste huurder. De ontwikkelaar van het gebouw had zijn oog laten vallen op de modieuze Graves - die overigens alleen een nieuwe mantel om een oud skelet zal draperen en het geheel met een hoed zal bekronen - en de cultuurminister en de rijksbouwmeester hadden zich van harte achter deze keuze geschaard.

Met de verandering van WVC in Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en van het ministerie van O en W in het ministerie van onderwijs, cultuur en wetenschappen (OCW), is het ontwerp van Michael Graves ineens niet meer bestemd voor het huurhuis van onze nationale cultuurminister. De ontoegankelijke, met twee onbenullige, Hollandse zadeldakjes bekroonde toren die de Amerikaanse sterarchitect heeft getekend, zal nu dienen voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport, een ministerie dat inhoudelijk met architectuur geen enkele band heeft.

Het kan eigenaardig lopen in het politieke bedrijfsleven. Werd de cultuur vorig jaar nog met veel aplomb een toren, ontworpen door de grote, internationale sterarchitect Michael Graves in het vooruitzicht gesteld, nu is de cultuur onderhuurder geworden met hooguit inspraak in de typografie van het naambordje op de deur. En zelfs geen geld om Carel Weeber te vragen nog iets van het armzalige, maar marktconforme huurkamertje te komen maken.