Goed gezind

De Wand van de in 1970 overleden Oostenrijkse schrijfster Marlen Haushofer gaat over een vrouw die alleen komt te zitten in een vallei in de bergen. Als ze op een ochtend wil afdalen naar het dorp, stuit ze op een onverklaarbare glazen wand. Daarachter is alles en iedereen dood. Waarschijnlijk iets nucleairs.

De vrouw heeft een jachthond om zich heen en treft na enige tijd ook een koe aan. “Ze kwam meteen naar me toe en brulde mij al haar ellende in het gezicht. Het arme beest was twee dagen niet gemolken, haar stem klonk al helemaal hees en schor.”

Nu is ze zowel eigenaar als gevangene van een koe.

Bij de eerste pogingen tot melken: 'Soms draaide ze haar grote kop om, alsof ze geamuseerd mijn inspanningen gadesloeg, maar ze bleef rustig staan en schopte nooit naar me; ze was vriendelijk, vaak zelfs wat overmoedig.'

Later komt er nog een zwangere kat aanlopen. In haar Robinson Crusoe-achtige bestaan observeert de vrouw kat, hond en koe met aandachtige melancholie. Zij zijn wat rest van de Ander.

De koe: 'Het verstand zat bij haar in haar hele lijf, zodat ze altijd precies het goede deed.'

En hoe zij, die koe en de vrouw, elkaar bejegenen: 'Ik ben warm en levend en ze voelt dat ik haar goed gezind ben. Meer zullen we nooit van elkaar weten.'

Let wel, deze observaties bereiken ons uit een wereld die in feite is vergaan.