Dollar bleef onder druk staan

AMSTERDAM, 2 SEPT. Ondanks de verhoging door de Federal Reserve Board, het Amerikaanse stelsel van centrale banken, van een tweetal rentetarieven met een half procentpunt, is de dollarkoers de afgelopen maand per saldo niet gestegen. Een van de verklarende factoren hiervoor zou kunnen zijn dat de rente nog niet voldoende is verhoogd. De stijging van de consumentenprijzen in juli met 2,8 procent (juni 2,5 en mei 2,3 procent) wijst erop dat het inflatiegevaar nog niet is geweken. De Amerikaanse regering gaat in haar officiële prognoses eveneens uit van een oplopende inflatie van gemiddeld 2,7 procent dit jaar tot 3,2 procent volgend jaar. In een vertrouwelijk rapport van het Internationale Monetaire Fonds wordt dan ook geconcludeerd dat de Amerikaanse rentetarieven nogmaals moeten worden verhoogd om de inflatie in de kiem te smoren.

Het sentiment rond de 'greenback' werd daarnaast negatief beïnvloed door het onverwacht grote Amerikaanse handelstekort met Japan in juni. In combinatie met de geringe vorderingen die tot dusver zijn geboekt tijdens de hernieuwde handelsbesprekingen tussen de VS en Japan, houdt dit de dollarkoers ten opzichte van de yen en daarmee indirect ten opzichte van de gulden, onder druk.

De afnemende kans op een renteverlaging in Duitsland betekende evenmin een stimulans voor de dollar. In een deze week verschenen rapport over de Duitse economie geeft de OESO aan nog ruimte te zien voor een verdere renteverlaging. Zij wijst hierbij op de gunstige vooruitzichten ten aanzien van de inflatie en de geldgroei. Wat betreft de inflatie onderschrijven wij de opvattingen van de OESO. Zeker na de jaarwisseling, wanneer de accijnsverhoging van 1 januari 1993 'uit de basis loopt' en de basis voor het indexcijfer van de consumentenprijzen wordt herzien, behoort een inflatiecijfer met een één voor de komma tot de mogelijkheden. Ook de geldgroei, in juli verder gedaald tot 9,9 procent (juni 11,4 en mei 13,4 procent) lijkt nog omlaag te kunnen komen. De derde noodzakelijke factor voor een renteverlaging, een niet al te snel economisch herstel, lijkt echter steeds meer roet in het eten te gooien. De afgelopen maand werden tal van cijfers bekendgemaakt die wijzen op een stevig aantrekkende economie. De industriële produktie steeg in juli met 7,5 procent ten opzichte van juli vorig jaar, terwijl de bezettingsgraad in de industrie is gestegen van 80,3 in maart tot 82,3 in juni. Mocht het economische herstel in dit tempo doorzetten, dan wordt een verdere discontoverlaging steeds twijfelachtiger.

Aan het eind van de verslagmaand kon de dollar weer een deel van het aanvankelijke koersverlies inlopen, onder meer als gevolg van uitspraken van enkele invloedrijke personen. Waarschuwingen van de beroemde/beruchte speculant Soros voor de gevaren van een te zwakke dollar hebben mede bijgedragen aan het koersherstel. Volgens de Amerikaanse econoom Bergsten heeft de yen thans ten opzichte van de dollar haar hoogste waarde bereikt. Tenslotte heeft de Bank of Japan op grote schaal geïntervenieerd en zodoende de dollarkoers opwaarts beïnvloed.

De koers van het Britse pond is gedurende de verslagmaand aanvankelijk gedaald tot 2,67 gulden, het dieptepunt van dit jaar. Later is de koers echter weer aangetrokken tot 2,72 gulden vanochtend. Ter verklaring van de koersmutaties kan worden gewezen op de neiging van het pond om de koersbewegingen van de dollar te volgen. De kans neemt toe dat het Verenigd Koninkrijk de VS gaat navolgen wat betreft de richting van de officiële tarieven (omhoog). De gunstige ontwikkeling van de inflatie lijkt hier weliswaar nog geen aanleiding toe te geven. De onderliggende inflatie, exclusief hypotheekrente, daalde van 2,4 procent in juni tot 2,2 procent in juli, het laagste niveau sinds deze statistiek wordt bijgehouden. Het groeitempo neemt evenwel steeds uitbundiger vormen aan. Dit bleek de afgelopen maand onder meer uit de opwaartse herziening van de BBP-groei in het tweede kwartaal van 3,3 naar 3,7 procent vergeleken met hetzelfde kwartaal vorig jaar. Omdat een monetaire verkrapping niet direct een vertraging van de groei tot gevolg heeft (de zogenaamde monetaire remweg), lijkt met een renteverhoging in het VK niet al te lang te kunnen worden gewacht.

Bron: Economisch Bureau ING Groep