CSU: bijdrage aan EU moet omlaag

PASSAU 2 SEPT. De Beierse premier Edmund Stoiber vindt het hoog tijd om de financiering van de Europese Unie tegen het licht te houden. Hij hikt aan tegen de hoogte van de Duitse contributie. Dit maakte Stoiber gisteren duidelijk tegenover de verzamelde ministers van Europese zaken van de Duitse deelstaten.

De Duitse bijdrage aan de EU-kas is naar zijn zeggen sinds de hereniging met de vroegere DDR met 60 procent gestegen tot bijna 40 miljard mark per jaar, zonder dat de subsidies die Brussel aan Bonn uitkeert navenant zijn toegenomen. Op basis van de huidige verdeelsleutel tussen de lidstaten zal de Duitse afdracht in de periode tot 1997 de 50 miljard mark overschrijden, hoewel het bruto binnenlands produkt van de nieuwe Duitse deelstaten nog steeds onder dat van de “armere” lidstaten Griekenland en Portugal ligt.

Als het aan Stoiber ligt, krijgen de Duitse deelstaten verder een stem in het kapittel in de aanloop naar de toetsingsconferentie in 1996. De hervormingen die daar worden afgesproken zullen beslissend zijn voor de vraag of de Europese Unie een “centrum van Europese eenheidspolitiek” blijft of “op de weg van verval” raakt.

Stoibers bezwaren tegen de Duitse EU-contributie zijn niet echt verrassend. In Duitsland zijn al eerder stemmen opgegaan om de bijdrage aan Brussel te drukken. De Duitse burger heeft wegens allerlei belastingverhogingen en ingrepen in het sociale stelsel weinig meer op met het verenigde Europa. Politici hebben dat in het verkiezingsjaar 1994 goed in hun oren geknoopt. Op 25 september zijn er in Beieren verkiezingen voor de Landdag, het parlement van de deelstaat, en op 16 oktober gaat de Duitse kiezer naar de stembus voor de verkiezingen voor het landelijke parlement, de Bondsdag. Op 25 september moet Stoiber de absolute meerderheid van de CSU verdedigen, onder meer tegen de 'anti-Europa partij' van de vroegere hoge Brusselse ambtenaar Brunner. In de jongste verkiezingen voor het Europese Parlement, in juni, wist de CSU Brunners partij nog onder de kiesdrempel van 5 procent te houden.

Sleutelen aan de financiering van de Unie lijkt vooralsnog onbegonnen werk. Eind 1993 werden de twaalf lidstaten het eens over het “financiële plaatje” tot de eeuwwisseling. De verdeelsleutel ligt daarmee voorlopig vast, hoe hard Stoiber ook aanschopt tegen de Duitse afdracht. De vraag is dan ook of bondskanselier Kohl en minister van financiën Theo Waigel zijn bezwaren overnemen en voorleggen aan de EU-partners, hoe populair zij daarmee ook bij de kiezer zouden worden. (DPA)